07 februari 2025
Formeel / Schending art. 40 lid 2 Wet WOZ en proceskostenvergoeding
Het hof heeft geoordeeld dat de heffingsambtenaar van de gemeente Schagen niet in strijd met art. 40 lid 2 Wet WOZ heeft gehandeld door in de bezwaarfase niet te voldoen aan het verzoek om de grondstaffel en een taxatiekaart met KOUDV- en liggingsfactoren van de woning toe te sturen. De middelen van X tegen deze oordelen slagen. De Hoge Raad verwijst naar zijn arresten van 18 augustus 2023, ECLI:NL:HR:2023:1052 en van 24 januari 2025, ECLI:NL:HR:2025:106. Dat de belanghebbende zich over de waarde van de woning in de bezwaarfase al een gefundeerd oordeel heeft kunnen vormen en ook heeft gevormd, is geen bijzondere omstandigheid. (...)Lees meer04 februari 2025
Parkeerbelastingen / Verplichting tot het doen van aangifte en de verplichting tot betaling zijn afzonderlijke verplichtingen
De heffingsambtenaar van de gemeente Almere heeft een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd van € 0 aan parkeerbelasting en € 66,50 aan kosten. De naheffingsaanslag berust op art. 20 AWR, wat vereist dat parkeerbelasting die op aangifte behoorde te worden voldaan, niet is betaald. Nu de heffingsambtenaar geen parkeerbelasting heeft nageheven, kan de naheffingsaanslag niet in stand blijven. Voor het standpunt dat de heffingsambtenaar wel degelijk een bevoegdheid heeft tot naheffing, omdat X geen aangifte heeft gedaan door het inwerkingstellen van parkeerapparatuur, is in art. 20 AWR geen steun te vinden. De verplichting tot het doen van aangifte en de verplichting tot betaling hangen weliswaar nauw met elkaar samen, maar zijn niettemin afzonderlijke verplichtingen, zodat niet valt aan te nemen dat in art. 20 AWR met de term betalen tevens het doen van aangifte wordt aangeduid. Lees meer31 januari 2025
WOZ / Stukken waarover de heffingsambtenaar niet beschikt, hoeft hij ook niet over te leggen
X stelt dat de heffingsambtenaar de verhuurdocumentatie van de onroerende zaak diende te overleggen. De heffingsambtenaar verklaart niet over andere huurinformatie te beschikken dan het stuk dat hij heeft ingebracht. Stukken waarover de heffingsambtenaar niet beschikt, hoeft hij ook niet over te leggen. Omdat het om verhuurdocumentatie van de onroerende zaak zelf gaat, is X door het niet overleggen, zo die wel zou bestaan, niet geschaad. De door X genoemde marktanalyse en kapitalisatiefactorberekening zijn volgens het hof geen stukken die door de heffingsambtenaar zijn opgesteld. Art. 8:42 lid 1 Awb verplicht niet tot het vervaardigen van niet-bestaande documenten. Het is aan de rechter te beoordelen of met hetgeen dat is ingebracht en toegelicht aan de bewijslast van de heffingsambtenaar is voldaan. Lees meer31 januari 2025
WOZ / Hoge Raad is niet bevoegd te oordelen over cessieverbod
In zijn verweerschrift in cassatie heeft X de aandacht van de Hoge Raad gevraagd voor art. 30a lid 4 Wet WOZ, op grond waarvan de uitbetaling van deze proceskostenvergoeding uitsluitend mag plaatsvinden op een bankrekening die op naam staat van belanghebbende. X acht deze bepaling in strijd met het recht op het vrije verkeer van goederen en diensten binnen de Europese Unie. De Hoge Raad als bestuursrechter is echter niet bevoegd een oordeel te geven over de vraag of een bedrag aan proceskostenvergoeding moet worden overgemaakt naar de rekening van een ander dan de belanghebbende. Uitsluitend de burgerlijke rechter is bevoegd te oordelen in een geschil over een dergelijke vraag.Lees meer31 januari 2025
