09 maart 2026Fiscaal advies

De Hoge Raad verduidelijkt reikwijdte WOZ-informatieverplichting

Robert Duits

Fiscaal adviseur lokale belastingen

 Het zal de meeste medewerkers van afdelingen belastingen of WOZ niet ontgaan zijn, dat er de laatste jaren veelvuldig wordt geprocedeerd over de vraag of alle relevante gegevens wel (tijdig) aan belanghebbenden zijn verstrekt. Deze procedures zijn natuurlijk een direct gevolg van het feit dat schending van de toezendplicht leidt tot het toekennen van een proceskostenvergoeding. Het is zeker niet zo dat de gevraagde informatie altijd essentieel is voor de beoordeling van de vastgestelde waarde (of opgelegde aanslag).

Zeker in WOZ-procedures is niet ten aanzien van alle gegevens duidelijk of deze op verzoek verstrekt moeten worden. Een ruime week geleden heeft de Hoge Raad arrest gewezen, waarin een aantal (duidelijke) regels is opgenomen over welke gegevens een heffingsambtenaar op grond van artikel 40, lid 2 Wet WOZ moet verstrekken (HR 27 februari 2026, ECLI:NL:HR:2026:297).

Over de reikwijdte van de informatieverplichting heeft Hoge Raad heeft in eerdere arresten ook al geoordeeld. Zie o.a. HR 18 augustus 2023, ECLI:NL:HR:2023:1052. Dat arrest ging met name over de verhouding tussen art. 7:4 lid 2 en 4 Awb en art. 40 lid 2 Wet WOZ en de vraag of gemeenten verplicht zijn andere taxatiegegevens dan het taxatieverslag naar belanghebbende te sturen. De Hoge Raad oordeelde dat art. 40 lid 2 Wet WOZ een ruime reikwijdte heeft en niet alleen ziet op gegevens die in het (model)taxatieverslag zijn opgenomen, maar ook op andere gegevens die aan de waardevaststelling ten grondslag liggen. Daartoe behoren ook gegevens over vergelijkingsobjecten. Gelukkig wel alleen indien belanghebbende een voldoende specifiek verzoek heeft gedaan tot het verstrekken van bepaalde gegevens die niet in het taxatieverslag zijn opgenomen.

De Hoge Raad zet in het arrest van 27 februari uitgebreid en helder uiteen welke gegevens onder art. 40, lid 2 Wet WOZ vallen. Het is daarmee een bevestiging van de eerdere jurisprudentie, maar in deze uitspraak wordt in mijn optiek veel beter dan in de eerdere uitspraken aangegeven welke gegevens wel en welke niet onder deze bepaling vallen.

Daartoe worden allereerst enige algemene overwegingen over de uitleg van artikel 40, lid 2, van de Wet WOZ gegeven, die toegespitst zijn op woningen. De verplichting ziet uitsluitend op gegevens die zijn vastgelegd in stukken (op papier of elektronisch) en die de heffingsambtenaar rechtstreeks heeft gebruikt bij de waardebepaling. Er is geen verplichting tot het verstrekken van afschriften van bronnen waaraan de heffingsambtenaar die gegevens heeft ontleend. Ook gaat het om de verplichting tot het verstrekken van afschriften. Een algemene plicht tot uitleg of toelichting bestaat niet. Het is niet van belang of de gebruikte gegevens ook noodzakelijk of nuttig zijn voor de waardevaststelling. Evenmin is van belang of de belanghebbende in redelijkheid ook al in staat is om de vastgestelde waarde ter discussie te stellen met de informatie die hem gelijktijdig of eerder is verstrekt. De verplichting geldt ook indien de gegevens beschikbaar zijn via een algemeen toegankelijke bron, zoals een openbaar register of een internetpagina. Als een stuk via internet algemeen en vrij toegankelijk is, kan in beginsel worden volstaan met een aanduiding van de website waarop of via welke dat stuk te vinden is.

Het verstrekken va een taxatieverslag is niet voldoende, als specifiek verzocht is om gegevens die niet in het taxatieverslag zijn opgenomen. De informatieverplichting heeft ook betrekking op referentiepanden die zijn vermeld in een taxatieverslag en geldt voor panden die niet in het taxatieverslag zijn vermeld, maar die wel door de heffingsambtenaar zijn geselecteerd om te worden gebruikt bij de waardevaststelling van de desbetreffende woning.

Vervolgens formuleert de Hoge Raad ten aanzien van diverse veelgebruikte categorieën gegevens een aantal regels aan de hand waarvan moet worden bepaald of het gegevens zijn die aan de vaststelling van de waarde van een woning ten grondslag liggen. Daarbij geldt in alle gevallen dat slechts een informatieverplichting bestaat als de desbetreffende gegevens in een stuk zijn vastgelegd, in het concrete geval rechtstreeks zijn gebruikt voor de waardebepaling, en belanghebbende een voldoende specifiek verzoek om verstrekking van een afschrift daarvan heeft gedaan. Ik herhaal niet alle gegevens en verwijs hiervoor naar onderdeel 5.16 van het arrest. Een aantal categorieën gegevens die in procedures vaak aan de orde worden gesteld, wil ik nog apart benoemen. De toegepaste vaste KOUDVL-correctiefactoren vallen volgens de Hoge Raad wel onder de informatieverplichting, maar de onderbouwing van die factoren niet. Voor indexeringsfactoren geldt dat de factor zelf moet worden verstrekt — of dat de heffingsambtenaar gegevens verstrekt waaruit die factor eenvoudig kan worden afgeleid — maar de bronnen waarop de indexering is gebaseerd, hoeven niet te worden verstrekt. Ook kennis en ervaring van een taxateur vallen buiten het bereik van de bepaling, omdat daarvan geen afschrift kan worden verstrekt.

Of het aantal procedures over art. 40 lid 2 Wet WOZ door dit arrest zal afnemen, is maar de vraag. Daarvoor is het gevolg van een eventuele schending van de informatieplicht (in de vorm van een proceskostenveroordeling) voor de meeste gemachtigden waarschijnlijk toch te lucratief. Maar juist doordat de Hoge Raad de kaders zo duidelijk heeft afgebakend, zal de discussie in de toekomst waarschijnlijk niet meer gaan over de reikwijdte van de informatieverplichting, maar veel meer of sprake is van een gegeven dat aantoonbaar bij de waardevaststelling is gebruikt, in een stuk is vastgelegd en dus moet worden verstrekt. Of dat dit niet het geval is, omdat het gaat om uitleg, brongegevens, of kennis en ervaring van een deskundige. Wordt dus ongetwijfeld vervolgd.

 

Robert Duits

Fiscaal adviseur lokale belastingen

Ruim 20 jaar werkzaam in de Wet WOZ en de lokale belastingen. Gespecialiseerd in de Wet WOZ, rioolheffing, verblijfsbelastingen, ondernemersfondsen en kostentoerekeningen.

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.