02 april 2024
WOZ / Oppervlakten in BAG-registratie kloppen niet altijd
X stelt dat de gehanteerde gebruiksoppervlakten van de referentieobjecten niet overeenkomen met die genoemd in de iWOZ-rapportage en/of BAG-registratie. De heffingsambtenaar van BghU verklaart dat de BAG-registratie niet altijd klopt en dat hij de geconstateerde verschillen doorgeeft aan de gemeente die verantwoordelijk is voor het bijhouden ervan. Hij heeft toegelicht dat de in de matrix vermelde gebruiksoppervlakten zoveel mogelijk zijn gebaseerd op bouwtekeningen. Verder heeft hij de gebruiksoppervlakten van diverse woningen vergeleken met de op verkoopdocumentatie gebaseerde iWOZ-vastgoedkaarten, omdat makelaars verplicht zijn het gebruiksoppervlak nauwkeurig te registreren. Het hof vindt dit geloofwaardig en gaat uit van de oppervlakten in de matrix.Lees meer02 april 2024
WOZ / Art. 40 lid 2 Wet WOZ gegevens moeten uiterlijk bij de uitspraak op bezwaar worden verstrekt
In het taxatieverslag dat in de bezwaarfase is verstrekt staan alleen de factoren ‘onderhoud’ en ‘voorzieningen’. X wijst erop dat de factor ‘kwaliteit’ in de beroepsfase wel in de taxatiematrix is opgenomen. Het hof overweegt dat de waarde in de beroepsfase handmatig door een taxateur wordt bepaald. Hierbij hanteert de taxateur de factor ‘kwaliteit’ wel. Het is aannemelijk dat de factoren die niet in het taxatieverslag zijn opgenomen, ook niet als zodanig ten grondslag hebben gelegen aan de waardebepaling in die fase. De heffingsambtenaar was niet verplicht deze gegevens te verstrekken. X wijst erop dat het indexeringspercentage pas in de uitspraak op bezwaar is verstrekt. Volgens het hof (...)Lees meer02 april 2024
Formeel / Heffingsambtenaar hoefde niet om nadere motivering te vragen
Het bezwaarschrift bevatte geen gronden van bezwaar. Volgens X had de heffingsambtenaar hem de gelegenheid moeten bieden om het bezwaarschrift aan te vullen. X heeft in zijn bezwaarschrift gevraagd om de naheffingsaanslag ongedaan te maken. Hiermee heeft X volgens het hof het bezwaar (tegen de summier gemotiveerde naheffingsaanslag parkeerbelasting) weliswaar summier, maar voldoende gemotiveerd. De heffingsambtenaar heeft niet gehandeld in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel. Uit de tekst en parlementaire geschiedenis van art. 6:6 Awb volgt dat op de heffingsambtenaar niet de verplichting rust om de indiener van een bezwaar de gelegenheid te bieden een verzuim te herstellen. Dit is anders als de heffingsambtenaar het bezwaar niet-ontvankelijk wil verklaren.Lees meer28 maart 2024
Parkeerbelastingen / Naheffingsaanslag is niet verwijtbaar onrechtmatig opgelegd
X stelt dat dat de naheffingsaanslag in bezwaar is herroepen wegens een aan de heffingsambtenaar te wijten onrechtmatigheid. X acht het voor de verwijtbaarheid van belang dat de parkeercontroleur achter een computer zit en dat de bestuurder van de scanauto slechts rondjes rijdt. Volgens het hof is van belang dat op de foto’s van de scanauto niets te zien is dat zou kunnen wijzen op het stilstaan ervan voor het lossen van zaken, terwijl die foto’s een voldoende beeld geven van de situatie ter plaatse. De heffingsambtenaar was niet gehouden zich nader ervan te vergewissen of de auto toch niet stilstond voor het lossen van zaken. De naheffingsaanslag is niet verwijtbaar onrechtmatig opgelegd en X heeft geen recht op een vergoeding van kosten in verband met de behandeling van het bezwaar.Lees meer26 maart 2024
Formeel / Geen immateriële schadevergoeding vanwege zeer gering financieel belang
Het financieel belang bij de procedure beliep voor de rechtbank niet meer dan € 15. De inzet van de WOZ-procedure was een waardeverschil van € 10.000. Daarmee was volgens de geldende tarieven een belastingbedrag gemoeid van € 7,72 aan OZB en € 2,38 aan watersysteemheffing. Van een bijkomend (financieel) belang is niet gebleken. Om die reden is er geen aanleiding spanning en frustratie aan te nemen. Er bestaat daarom ook geen aanleiding het griffierecht te laten vergoeden en een veroordeling uit te spreken in de proceskosten van X. Alleen wanneer een vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn met overeenkomstige toepassing van artikel 8:73 Awb wordt toegekend, bestaat daarvoor aanleiding.Lees meer26 maart 2024
