06 juni 2023
WOZ / Uit reactie op e-mail blijkt nog geen volmacht
X heeft het bezwaar tegen de WOZ-waarde niet ondertekend. Volgens het hof is het enkel meesturen van een afschrift van het aanslagbiljet onvoldoende voor het aannemen van vertegenwoordigingsbevoegdheid. X voert aan dat zijn e-mail volstaat als volmacht. Volgens het hof geeft de e-mail geen blijk van een door X verleende bevoegdheid om in zijn naam bezwaar te maken. In de e-mail probeert gemachtigde X als nieuwe klant te werven, waarbij hij aan X vraagt te inventariseren van welke mogelijke waardedrukkende omstandigheden sprake zou kunnen zijn. Uit de reactie daarop van X kan hooguit worden afgeleid dat X ervoor openstond gemachtigde in te schakelen. Het niet overleggen van een machtiging in de bezwaarfase kan in (hoger) beroep niet worden hersteld. Het bezwaar is terecht niet-ontvankelijk verklaard. Lees meer06 juni 2023
WOZ / Taxatie mag zich binnen een bepaalde bandbreedte bevinden
X stelt dat de waarde verlaagd dient te worden omdat sprake is van slecht onderhoud van het schilderwerk en verouderde voorzieningen. Volgens de rechtbank heeft X dit niet met controleerbare gegevens onderbouwd. Overigens leidt een kostenpost voor onderhoud aan de woning niet direct tot een waardevermindering van de woning met hetzelfde bedrag. Daarbij is taxeren geen exacte wetenschap, en gaat het er uiteindelijk om of de heffingsambtenaar aannemelijk maakt dat de totale eindwaarde van de woning niet te hoog is vastgesteld. Daaruit volgt dat een taxatie zich binnen een bepaalde bandbreedte mag bevinden. Het verschil van € 5.000 tussen de beschikte waarde en de in beroep bepleite waarde is een dusdanig marginaal verschil in verhouding tot de totale woningwaarde, dat dit, gelet op de bandbreedte, niet kan leiden tot het oordeel dat de WOZ-waarde te hoog is vastgesteld.Lees meer06 juni 2023
Formeel / Grondwettelijke rechten zijn met behandeling door enkelvoudige kamer voldoende gewaarborgd
X verzet zich tegen behandeling van de zaak door een enkelvoudige belastingkamer. Ingevolge art. 8:108 lid 1 en art. 8:10a lid 1, 2 en 3 Awb worden zaken bij het hof behandeld door een meervoudige kamer. Indien een zaak volgens de meervoudige kamer geschikt is voor verdere behandeling door één rechter, kan deze naar een enkelvoudige kamer worden verwezen. Vanuit overwegingen van tijdigheid en doelmatigheid wordt, gelet op de grote instroom van WOZ- en BPM-zaken, niet elke zaak door een meervoudige kamer behandeld. Dit is een kwestie van interne organisatie. De vermelding op de uitnodigingsbrief volstaat om partijen hiervan op de hoogte te stellen. (...)Lees meer02 juni 2023
