03 oktober 2023
Rioolheffing / Onjuiste verklaring van de heffingsambtenaar doet niet af aan de juridische grondslag voor heffing
De gemeente Zevenaar heft rioolheffing van de gebruiker van een perceel van waaruit water direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd. Als perceel voor de rioolheffing wordt aangemerkt een onroerende zaak volgens de Wet WOZ. X stelt dat de rioolheffing niet van haar mag worden geheven, omdat daarmee misbruik van de situatie wordt gemaakt. Al bij aankoop van het perceel in 2007 was sprake van objectafbakening volgens de Wet WOZ, sindsdien betaalt zij ook OZB voor het perceel. De heffingsambtenaar heeft daarom ten onrechte verklaard dat de perceelafbakening pas voor 2021 in lijn is gebracht met de objectafbakening volgens de Wet WOZ, zodat vanaf dan meerdere percelen zijn te onderscheiden. (...)Lees meer12 september 2023
Verontreinigingsheffing / IBA in eigen beheer is bedrijfsruimte
In geschil is of de IBA als onderdeel van de woning is aan te merken, als zuiveringtechnisch werk dan wel als (kleine) bedrijfsruimte. Het hof oordeelt dat een IBA niet een voor bewoning essentiële voorziening is. Voor de woonfunctie is het feitelijk al voldoende dat het afvalwater de woonruimte kan verlaten. Niet relevant is op welke wijze het afvalwater wordt afgevoerd en of dit conform geldende wet- en regelgeving geschiedt, omdat dit niet van invloed is op de woonfunctie. De IBA vervult weliswaar een nuttige functie bij de afvoer van het afvalwater uit de woning, maar maakt daarvan volgens het hof geen onderdeel uit en valt daarom niet onder het begrip woonruimte zoals opgenomen in de Verordening. (...)Lees meer05 september 2023
Formeel / Heffingsambtenaar diende afschrift van gegevens te verstrekken, geen matiging proceskostenvergoeding
De heffingsambtenaar stelt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat hij art. 40 lid 2 Wet WOZ heeft geschonden, omdat hij de door X gevraagde stukken ter inzage heeft gelegd voorafgaand aan het hoorgesprek. In het arrest van 18 augustus 2023, ECLI:NL:HR:2023:1052 heeft de Hoge Raad overwogen dat de wetgever de in art. 40 lid 2 Wet WOZ opgenomen verplichting welbewust ter verbetering van de rechtsbescherming in de plaats heeft laten komen van het oorspronkelijk opgenomen inzagerecht. (...)Lees meer29 augustus 2023
WOZ / Pas op de zitting formuleren van een onomwonden standpunt is in strijd met de goede procesorde
Uit de stukken volgt dat X al drie keer haar standpunt heeft gewijzigd dat de WOZ-waarden te hoog dan wel te laag zijn vastgesteld. In haar hogerberoepschrift wijzigt X voor de vierde keer haar standpunt en de “pinpoint” brief lijkt zelfs te duiden op een vijfde standpuntwijziging. Met de gebezigde formulering laat X de heffingsambtenaar tot op de zitting in het ongewisse over haar uiteindelijke standpunt. Zo blijft voor de heffingsambtenaar onduidelijk welke bewijslast in hoger beroep op hem rust. (...)Lees meer22 augustus 2023
Formeel / X kon beroep instellen tegen weigering een besluit te nemen
De heffingsambtenaar stelt dat de onroerende zaken nr. 6 en 38 niet in het bezwaarschrift zijn betrokken, omdat op de aan dat bezwaarschrift gehechte kopie van het aanslagbiljet alleen de WOZ-beschikkingen voor de onroerende zaken nr. 259 en 259 BS zichtbaar zijn en de overige op het aanslagbiljet vermelde beschikkingen zijn weggelakt. Verder heeft de gemachtigde tijdens het hoorgesprek alleen argumenten aangevoerd tegen de waardevaststelling van nrs. 259 en 259 BS. Uit een brief van de heffingsambtenaar blijkt dat deze geen uitspraak op bezwaar zal doen. Volgens het hof is de brief een schriftelijke weigering een besluit te nemen. Lees meer22 augustus 2023
