10 augustus 2026
Formeel / Kennelijk onredelijk gebruik van procesrecht
Het procedeergedrag van de gemachtigde roept vragen op. Het indienen van een bezwaarschrift met een grond die geen inhoudelijke relatie heeft met de feiten, het herhaaldelijk verzenden van betaalbewijzen op een wijze waardoor deze de heffingsambtenaar niet bereiken, en het uitblijven van een reactie nadat hij daarop is gewezen, wekken de indruk dat de gemachtigde bewust aanstuurt op een beroepsprocedure om daarin alsnog bewijs over te leggen en een proceskostenvergoeding te verkrijgen. Dit kan worden aangemerkt als kennelijk onredelijk gebruik van procesrecht. Indien dit beeld ook in andere zaken wordt bevestigd, kan het hof de belanghebbende, aan wie dit gedrag moet worden toegerekend, in de kosten van de heffingsambtenaar veroordelen. Het hoger beroep van X is ongegrond. Lees meer03 augustus 2026
Formeel / Ontbreken digitale dossierstukken komt voor rekening van gemachtigde
X stelt dat zij niet beschikt over een volledig dossier, omdat zij geen digitale toegang heeft gekregen tot de rechtbankstukken. De gemachtigde procedeerde bij de rechtbank nog niet digitaal en ontving alle dossierstukken uit die fase op papier. Bij de overstap naar digitaal procederen is namens de gerechten overleg gevoerd met de gemachtigde, omdat hij bij alle gerechten een groot aantal procedures voert. In een namens alle gerechtshoven en rechtbanken aan X verzonden brief staat dat de gemachtigde heeft aangegeven in alle zaken digitaal te willen procederen, dat de overstap vanwege het grote aantal zaken niet eenvoudig was, en dat daarom afspraken zijn gemaakt. (...)Lees meer21 juli 2026
Formeel / Proceskostenvergoeding bij samenhangende zaken
De totale proceskostenvergoeding bedraagt € 1.267. Omdat het hoger beroep uitsluitend gegrond is wegens schending van de hoorplicht en hetzelfde geldt voor de gelijktijdig behandelde zaak met kenmerk BK-25/669, terwijl het feitencomplex en de werkzaamheden van de gemachtigde in beide zaken nagenoeg identiek zijn, merkt het hof deze zaken aan als samenhangende zaken in de zin van artikel 3 van het Bpb. Daarom wordt de vergoeding gelijkelijk over beide zaken verdeeld: € 633,50 in de onderhavige zaak en € 633,50 in de zaak met nummer BK-25/669.Lees meer21 juli 2026
Formeel / Geen bewijs van ontvangst notificatie leidt tot onterechte aanmaning
Het hof oordeelt dat geen aanmaningskosten mogen worden gerekend als iemand notificaties van MijnOverheid heeft ingesteld, maar niet met voldoende zekerheid vaststaat dat de notificatie naar het juiste e-mailadres is verzonden. Dat geldt ook als verzending wordt gesteld, maar ontvangst wordt betwist en niet duidelijk is naar welk adres is verzonden. Ook is niet bekend of zich bij het afleveren problemen hebben voorgedaan. Hoewel de invorderingsambtenaar aannemelijk heeft gemaakt dat de naheffingsaanslag via de Berichtenbox van MijnOverheid bekend is gemaakt en door X is geopend, is dit voor de beoordeling niet relevant. Het bericht is namelijk pas geruime tijd nadat de aanmaning was verzonden geopend.Lees meer30 juni 2026
WOZ / Rolluik maakt woondeel niet afsluitbaar
Het hof oordeelt dat niet aannemelijk is dat de 2 woondelen zijn afgebakend en voldoen aan het vereiste van afsluitbaarheid van art. 16, onderdeel c, Wet WOZ. Zolang het elektrisch aangedreven rolluik is aangesloten, kunnen X en de dochter dit immers vanaf beide zijden met een afstandsbediening openen. Bij normaal gebruik is het woondeel van de dochter daarmee niet daadwerkelijk afsluitbaar. De heffingsambtenaar heeft daarom terecht één WOZ-beschikking opgelegd voor de woning, inclusief het woondeel van de dochter.Lees meer28 april 2026
