Door heffingsambtenaar ingehuurd bedrijf had bezwaar door moeten zenden

Belanghebbende heeft haar bezwaar telefonisch en schriftelijk kenbaar gemaakt bij het door de heffingsambtenaar van de gemeente Amersfoort ingehuurd bedrijf A, dat verantwoordelijk is voor de invordering van parkeerbelasting. Niet gebleken is dat dit bedrijf bevoegd is om namens de heffingsambtenaar te beslissen op bezwaarschriften. Uit de duplicaat naheffingsaanslag parkeerbelasting leidt de rechtbank af, dat belanghebbende is gewezen op het feit dat zij bezwaar kan maken bij bedrijf B. Dit is eveneens een door de heffingsambtenaar ingehuurd bedrijf, dat verantwoordelijk is voor de naheffing van parkeerbelasting en bevoegd om namens de heffingsambtenaar te beslissen op bezwaren. Uit de door belanghebbende overgelegde e-mailcorrespondentie blijkt dat het bezwaar is ingediend bij bedrijf A.
De rechtbank overweegt dat belanghebbende wel binnen de termijn bezwaar heeft gemaakt, maar dat dit bezwaar is verstuurd aan bedrijf A en dat deze het bezwaar niet direct heeft doorgezonden aan de heffingsambtenaar. Nu bedrijf A geen bestuursorgaan is, geldt voor haar de doorzendverplichting van art 6:15 Awb niet. Juist in die situatie dient een bestuursorgaan er zorg voor te dragen dat dit bedrijf goed wordt geïnstrueerd hoe te handelen indien een bezwaarschrift op het verkeerde adres wordt ingediend. Van een dergelijke instructie is de rechtbank niet gebleken. Belanghebbende heeft naar het oordeel van de rechtbank om verschoonbare redenen de bezwaartermijn overschreden. Het bezwaar is ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard.
 

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.