Hoge Raad formuleert uitgangspunten voor woondelenvrijstelling verzorgings- en verpleeghuizen

De toepassing van artikel 220e van de Gemeentewet bij verzorgings- en verpleeghuizen leidt in de praktijk tot problemen. Daarom formuleert de Hoge Raad enkele praktisch werkbare uitgangspunten die tot een uniforme rechtstoepassing moeten leiden.
Het verblijf van duurzame aard in een verzorgings- of verpleeghuis wordt gelijkgesteld met wonen, tenzij sprake is van kortdurende behandeling, dagbehandeling of bij een zogenoemde hospice waarin terminale zorg wordt verleend aan personen met een levensverwachting van ten hoogste enkele maanden. De gedeelten van een verzorgings- of verpleeghuis die in hoofdzaak dezelfde functie hebben als de vergelijkbare gedeelten van een woning zijn aan te merken als gedeelten in de zin van artikel 220e van de Gemeentewet. Die functies betreffen bijvoorbeeld dagbesteding, slapen, zich wassen en eten. Dat betreft niet alleen de eigen (zit/slaap)kamers van de bewoners, maar ook alle door bewoners gezamenlijk gebruikte ruimten (gemeenschappelijke woonkamers, eetzalen, recreatieruimten, (mede) door bewoners gebruikte keukens en sanitaire ruimten, een en ander met inbegrip van de verkeersruimten die voor de toegang tot die ruimten dienen, zoals gangen, hallen, liften en trappenhuizen). De mate van medegebruik door anderen dan bewoners, zoals het verzorgend, verplegend en overig personeel van de zorginstelling, is niet van belang en behoeft niet te worden onderzocht. Ook een gedeelte van een tehuis waar meer intensieve zorg aan de bewoners wordt geboden, kan daarom het karakter hebben van ‘in-hoofdzaak-woondeel’. De gedeelten van het tehuis die (nagenoeg) uitsluitend ten dienste staan aan het personeel van de instelling of derden, zoals kantoorruimten, ‘zusterposten’, en andere ruimten waartoe als regel slechts deze personen toegang hebben, zoals c.v.-ruimten, voorraadkamers en centrale keuken die (nagenoeg) uitsluitend door personeel van de instelling wordt gebruikt behoren niet tot de woon gedeelten. De aard van het gebruik van de (nagenoeg) uitsluitend voor revalidatie en (para )medische zorg gebruikte ruimten brengt mee dat zij niet dezelfde functie hebben als gedeelten van een woning. Hetzelfde geldt voor aanwezige winkels en voor restaurants die mede voor anderen dan bewoners en hun gasten bestemd zijn. De waarde van voor algemeen gebruik aangewezen parkeerterreinen wordt naar evenredigheid toegerekend, ongeacht het feitelijke gebruik door (gasten van) bewoners dan wel personeelsleden. Indien gedeelten van een parkeerterrein uitdrukkelijk zijn aangewezen om alleen te worden gebruikt door personeel van het tehuis, wordt de waarde van die gedeelten niet met toepassing van artikel 220e van de Gemeentewet buiten aanmerking gelaten. Dit is wel zo bij gedeelten van een parkeerterrein die uitdrukkelijk zijn aangewezen voor uitsluitend gebruik door bewoners en/of hun gasten.
 

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.