Doelmatige vormgeving zorgplicht afvalwater
Belanghebbende heeft een woning in het buitengebied die niet is aangesloten op de gemeentelijke riolering. Op het perceel is door de gemeente een IBA geplaatst. Voor beheer, onderhoud en vervanging van onderdelen van de IBA heeft de gemeente een samenwerkingsovereenkomst gesloten met het waterschap. De heffingsambtenaar van BSOB heeft aanslagen verontreinigingsheffing 2007, 2008 en 2009 opgelegd en de bezwaren hiertegen ongegrond verklaard. De Rechtbank ‘s-Hertogenbosch heeft het beroep in alle zaken gegrond verklaard en de aanslagen vernietigd. De heffingsambtenaar heeft hoger beroep ingesteld.
Het hof overweegt dat een IBA kan worden aangemerkt als een zuiveringtechnisch werk dat bij het waterschap in beheer is. Hierbij is niet relevant of op het oppervlaktewater wordt geloosd. De rechtbank heeft geconcludeerd dat het waterschap niet is aan te merken als een kwaliteitsbeheerder in de zin van de WVO. De heffingsambtenaar heeft aangevoerd dat de wetgever nadrukkelijk de mogelijkheid heeft geboden om de zorgplicht van de gemeente voor de inzameling van afvalwater en de zorgplicht van het waterschap voor de zuivering van afvalwater in het buitengebied in onderling overleg zo doelmatig mogelijk vorm te geven. Aannemelijk is dat de gemeente en het waterschap aan dit uitgangspunt van de wetgever nader vorm hebben gegeven in de Verordening, de gemeenschappelijke regeling en de samenwerkingsovereenkomst. In de overeenkomst is bepaald dat de gemeente een financiële bijdrage aan het waterschap levert voor de kosten van beheer, onderhoud en vervanging van de IBA-systemen van € 75 per jaar per IBA systeem. Niet in geschil is dat die bijdrage niet kostendekkend is. In de overeenkomst is bepaald dat voor de coördinatie van het beheer en onderhoud de gemeente aan het waterschap geen vergoeding betaalt. Hieruit leidt het hof af dat het waterschap is opgetreden als kwaliteitsbeheerder in de zin van de WVO en dat het waterschap niet is gelijk te stellen met een particulier bedrijf zoals door de rechtbank was aangegeven. Dat het Waterschap het onderhoud van de IBA heeft uitbesteed aan een particulier bedrijf of dat in 2007 helemaal geen onderhoud aan de IBA is uitgevoerd, ondanks verschillende klachten, maakt dit niet anders.
Het hof verklaart het hoger beroep van de heffingsambtenaar gegrond.
DATUM:
12 juli 2013
ECLI:
ECLI:NL:GHSHE:2013:3028
ZAAKNUMMER:
12/00420
INSTANTIE:
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
