Belanghebbende heeft niet onverwijld uitvoeringshandelingen verricht
Belanghebbende stelt dat de naheffingsaanslag ten onrechte is opgelegd, omdat hij na het parkeren enige afstand moet afleggen voordat hij bij zijn vriendin is. Wanneer hij bij haar aankomt, begroeten zij elkaar, wordt de PC opgestart, waarna er wordt ingelogd en aangemeld. Soms is de URL van de site van de gemeente Den Haag gewijzigd. Dan is het een ware zoektocht naar waar het scherm zich in die site bevindt. Het lijkt hem dan ook niet vreemd dat er tussen parkeren en aanmelden 9 minuten zijn verlopen. De heffingsambtenaar neemt het standpunt in dat belanghebbende weliswaar een korte maar redelijke termijn dient te worden gegund om die handelingen te verrichten die nodig zijn om zich aan te melden, maar bestrijdt dat belanghebbende onverwijld daartoe uitvoeringshandelingen heeft verricht.
De rechtbank oordeelt dat belanghebbende niet heeft geparkeerd met een bezoekersvergunning die overeenkomstig de daaraan verbonden voorwaarden was aangemeld. Hierdoor is geen sprake van parkeren met een vergunning (HR 17 december 1997, ECLI:NL:HR:1997:AA3336).
Dat neemt niet weg dat belanghebbende een redelijke tijd moet worden gegund om zich aan te melden via de internetsite van de gemeente. Naar het oordeel van de rechtbank heeft belanghebbende evenwel niet aannemelijk gemaakt dat hij onverwijld uitvoeringshandelingen heeft verricht tot voldoening van parkeerbelasting. De rechtbank neemt daarbij in aanmerking dat de parkeercontroleurs nagaan of de vergunning is aangemeld, en als dit niet zo is, controle-ren of er een kaartje achter de voorruit ligt of dat belanghebbende op een andere manier is aangemeld. Als dit alles niet zo blijkt te zijn, wordt daarna de naheffingsaanslag opgelegd. Dat betekent dat zelfs meer dan 9 minuten zijn verstreken na het parkeren van de auto voordat de aanmelding heeft plaatsgevonden.
DATUM:
17 december 2015
ECLI:
ECLI:NL:RBDHA:2015:14767
ZAAKNUMMER:
AWB-15/5889
INSTANTIE:
Rechtbank Den Haag
