Geen sprake van handelingen gericht op het betalen van de belasting

Belanghebbende parkeert zijn auto in de straat bij zijn kantoor. Een parkeercontroleur van de gemeente Den Haag constateert met een collega dat geen parkeerkaartje aanwezig is, maar wel een zogenoemde transponder waarmee via Parkline B.V. betaald kan worden. De transponder is niet aangemeld bij Parkline. De controleur ziet ook geen activiteiten in de omgeving van de auto en de parkeerautomaat (ongeveer 60 meter verderop). Hij legt om 21:21 uur een naheffingsaanslag op. Terwijl hij het biljet onder de ruitenwisser plaatst, ziet hij dat een persoon in het kantoorpand, bezig is met telefoneren. Daarna constateert hij dat het parkeren om 21:22:30 uur is aangemeld bij Parkline. Volgens belanghebbende was hij ten tijde van de controle naar een parkeerautomaat 200 meter verderop gelopen om te kunnen lezen wat het nummer is van de parkeerzone.
Het hof hecht geloof aan het relaas van de parkeercontroleurs dat zij geen activiteiten hebben waargenomen die te maken zouden kunnen hebben met betaling van de parkeerbelasting. Aannemelijk is dat geen sprake is geweest van handelingen, gericht op het betalen van de belasting, die meteen na het parkeren zijn aangevangen en ten tijde van de controle zonder onderbreking hadden plaatsgevonden. De heffingsambtenaar heeft geen beleid waarin is geregeld dat de belastingplichtige vanaf het parkeren altijd ten minste een bepaald aantal minuten tijd wordt gegund de belasting te voldoen. Op zodanig beleid kan belanghebbende zich dan ook niet beroepen. Het standpunt van belanghebbende dat de heffingsambtenaar beleid had moeten vaststellen, gaat ook niet op. 

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.