Beschermingszone behoort niet tot het waterstaatswerk
De heffingsambtenaar van de gemeente Molenwaard en belanghebbende verschillen van mening over het antwoord op de vraag of de beschermingszone behoort tot een waterstaatswerk waarvoor een waarderingsuitzondering geldt. In de uitspraak van het hof overwoog het hof dat in art. 1.1 Waterwet een onderscheid wordt gemaakt tussen het waterstaatswerk en de beschermingszone. Deze wettekst liet naar het oordeel van het hof geen ruimte voor de opvatting dat een beschermingszone tot het waterstaatswerk (hier: de waterkering) behoort. De beschermingszone is in de wet genoemd als aanduiding van het buiten het waterstaatswerk gelegen gebied waarin beschermende voorschriften mede van toepassing kunnen zijn. De definitie van “beschermingszone” in de Keur 2009 van het waterschap week inhoudelijk af van de definitie in art. 1.1 Waterwet, doordat daaraan de woorden “behorend tot” zijn toegevoegd. De definitie van “beschermingszone” in art. 1.1 Waterwet laat geen ruimte voor de opvatting dat een beschermingszone tot het waterstaatswerk behoort. Daarom had het Algemeen Bestuur van het Waterschap niet de bevoegdheid om de woorden “behorend tot” aan de definitie van “beschermingszone” toe te voegen en daardoor missen de woorden “behorend tot” in de Keur 2009 verbindende kracht. Hieruit volgt dat de beschermingszone niet tot het waterstaatswerk behoort. Naar het oordeel van het hof gold het in de Waterwet gemaakte onderscheid tussen het waterstaatswerk en de beschermingszone evenzeer bij de toepassing van waterstaatswerkenuitzondering. De waterstaatswerkenuitzondering is daarom niet van toepassing op de onroerende zaak die, naar niet in geschil is, geheel in een beschermingszone is gelegen (nieuwsservice 2017, week 28).
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond met toepassing van art. 81 RO.
DATUM:
23 maart 2018
ECLI:
ECLI:NL:HR:2018:279
ZAAKNUMMER:
17/03812
INSTANTIE:
Hoge Raad
