Niet aannemelijk dat parkeercontroleur zich heeft vergist
Belanghebbende stelt dat haar auto bij het opleggen van de naheffingsaanslag niet in Beverwijk was. Zij voert aan dat ze door lichamelijke klachten zo’n afstand (tussen haar woonadres en Beverwijk) niet met de auto kon rijden. Verder heeft zij een schriftelijke verklaring van haar zus overgelegd. In deze verklaring is opgenomen dat zij destijds bij belanghebbende logeerde in verband met de ziekte en beperkingen van belanghebbende en dat de auto van belanghebbende de hele dag onder de carport van belanghebbende stond. Er is in dan ook, volgens belang-hebbende, een verkeerd kenteken door de parkeercontroleur genoteerd.
De heffingsambtenaar heeft in hoger beroep herhaald dat hij geloof hecht aan de verklaring van de parkeercontroleur. De gegevens zijn door de parkeercontroleur handmatig ingetoetst, waarbij het merk, kleur en kenteken van de auto zijn vermeld. Daarbij hecht de heffingsambtenaar minder geloof aan de verklaring van de zus van belanghebbende die, anders dan ze stelt, op het adres van belanghebbende stond ingeschreven (en daar dus niet ‘logeerde’).
Het hof acht niet aannemelijk dat de parkeercontroleur zich heeft vergist. Het hof acht evenmin aannemelijk dat sprake zou zijn geweest van een andere auto dan die van belanghebbende met een identiek (en dus vals) kenteken, omdat belanghebbende dan vaker met naheffingsaanslagen parkeerbelasting en/of boeten voor verkeersovertredingen zou zijn geconfronteerd en daarvan melding en/of aangifte zou hebben gedaan indien zij niet degene was die had geparkeerd en/of de overtredingen had begaan. De stukken van het geding bevatten hiervoor geen enkele aanwijzing.
DATUM:
26 januari 2016
ECLI:
ECLI:NL:GHAMS:2016:143
ZAAKNUMMER:
15/00567
INSTANTIE:
Gerechtshof Amsterdam
