Vergunningaanvraag in behandeling genomen, opbrengstlimiet niet overschreden
Belanghebbende heeft een bouwvergunning aangevraagd voor een tuinbouwkas. B&W van de gemeente Zundert hebben de vergunning geweigerd. De heffingsambtenaar heeft de legesnota na bezwaar verminderd van € 12.143,55 naar € 10.322,02. De Rechtbank Breda heeft het beroep gegrond verklaard en de leges verminderd tot € 8.376,75. Belanghebbende heeft hoger beroep ingesteld. Belanghebbende stelt dat de vergunningaanvraag niet in behandeling is genomen, omdat het college heeft besloten deze aanvraag verder buiten behandeling te laten.
In zijn arrest van 21 december 2007, nr. 41 303, LJN BC0652 heeft de Hoge Raad beslist dat de uitdrukking 'in behandeling nemen' moet worden uitgelegd tegen de achtergrond van artikel 229, eerste lid, aanhef en letter b, van de Gemeentewet. Deze uitleg brengt mee dat in een situatie waarin het besluit wordt genomen een vergunningaanvraag buiten behandeling te laten het gemeentebestuur terzake reeds diensten kan hebben verricht die legesheffing rechtvaardigen. De heffingsambtenaar heeft onweersproken gesteld dat dergelijke diensten zijn verstrekt, omdat de vergunningaanvraag voorafgaande aan de beschikking waarbij de vergunning is geweigerd, inhoudelijk is getoetst aan de vigerende planologische regels, het Bouwbesluit en de Bouwverordening. Daarmee staat naar het oordeel van het hof vast dat de vergunningaanvraag in behandeling is genomen en dat sprake is van een belastbaar feit.
Belanghebbende voert vervolgens aan dat de heffingsambtenaar heeft nagelaten om op inzichtelijke en controleerbare wijze de ramingen vast te leggen van de met de leges te realiseren baten en de met die leges te dekken lasten. In de raming van baten en lasten zijn bij de posten 'welstandstoezicht' en 'gehandicaptenparkeerkaarten' uitsluitend lasten en bij de post 'sloopvergunningen' uitsluitend baten opgenomen.
In de Productenraming zijn de bij de verschillende producten behorende budgetten en kengetallen, een specificatie van de kostenplaatsen en een kostenverdeelstaat, gegevens uit het financieel beheersysteem van de gemeente over de begroting, de urenverdeelstaat en een overzicht van het aandeel indirecte kosten in de gehanteerde uurtarieven opgenomen. Ter zitting heeft de heffingsambtenaar een uitgebreide toelichting gegeven op de raming. Welstandstoezicht levert geen afzonderlijk belastbaar feit op en is een onderdeel van de behandeling van aanvragen van bouwvergunningen; de in de raming opgenomen lasten van welstandstoezicht betreffen de kosten van inhuur van de welstandscommissie. De baten voor het in behandeling nemen van aanvragen van gehandicaptenparkeervergunningen zijn opgenomen in de post 'overige leges'. Voorts heeft de heffingsambtenaar een verklaring gegeven voor het verschil tussen eerder in deze en andere procedures gegeven kostendekkingspercentages. Belanghebbende verwijst nog naar eerdere uitspraken van het hof, waarin deze legesverordening onverbindend werd verklaard. Het hof is van oordeel dat in dit geding door de heffingsambtenaar zodanige feiten en omstandigheden aannemelijk zijn gemaakt dat nu wel aannemelijk is gemaakt dat de opbrengstlimiet niet is overschreden.
Het hof verklaart het hoger beroep ongegrond. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond m.t.v. art 81 RO.
DATUM:
14 februari 2014
ECLI:
ECLI:NL:HR:2014:313
ZAAKNUMMER:
13/03380
INSTANTIE:
Hoge Raad
