Tegemoetkoming in de proceskosten omdat grondstaffel niet is verstrekt
Sinds de bezwaarfase heeft belanghebbende, met een beroep op art. 40 Wet WOZ, verzocht om de grondstaffel. De heffingsambtenaar van de gemeente Waalwijk heeft deze pas in hoger beroep verstrekt.
Het hof overweegt dat uit dit artikel volgt dat een belastingplichtige recht heeft op alle gegevens die van belang kunnen zijn voor het controleren van de WOZ-waarde van zijn onroerende zaak, zoals bijvoorbeeld de grondstaffel. Ook afgezien van dit artikel had de heffingsambtenaar de grondstaffel ter beschikking moeten stellen. Uit de stukken van het geding blijkt niet dat inzage, zoals voorgeschreven in art. 7:4 lid 2 Awb, heeft plaatsgevonden of dat belanghebbende daarvan heeft afgezien. Het hof ziet in de weigering om de grondstaffel te verstrekken geen aanleiding om de uitspraken op bezwaar te vernietigen, omdat de beschikte waarde niet te hoog is vastgesteld. Wel ziet het hof hierin aanleiding voor een tegemoetkoming in de proceskosten in de beroeps- en de hoger beroepsfase. Van de heffingsambtenaar kan niet verlangd worden om (ongevraagd) voorafgaande aan of gelijktijdig met het versturen van de beschikking en de aanslag de grondstaffel al aan belanghebbende te verstrekken (nieuwsservice 2017 week 25).
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond met toepassing van art. 81 RO en verwijst daarbij naar zijn recente arrest van 17 augustus 2018 (nieuwsservice 2018 week 34).
DATUM:
14 september 2018
ECLI:
ECLI:NL:HR:2018:1619
ZAAKNUMMER:
17/02520
INSTANTIE:
Hoge Raad
