Afzonderlijk beroep mogelijk tegen later genomen beslissing op verzoek om proceskostenvergoeding

De heffingsambtenaar van de gemeente Amsterdam heeft in de uitspraak op bezwaar de WOZ waarde van de onroerende zaak verlaagd, maar geen beslissing genomen over de proceskostenvergoeding. Belanghebbende heeft de heffingsambtenaar daar door middel van een e-mail op gewezen. Hierna heeft de heffingsambtenaar alsnog een kostenvergoeding toegekend, deze brief bevat echter geen rechtsmiddelverwijzing.
De Hoge Raad overweegt dat het bestuursorgaan op grond van artikel 7:15, derde lid, van de Awb bij beslissing op het bezwaar beslist op een verzoek tot vergoeding van de kosten voor de behandeling van het bezwaar. Vast staat dat de heffingsambtenaar dat heeft nagelaten. Verder staat vast dat belanghebbende geen beroep heeft ingesteld tegen de beslissing op het bezwaar. Indien de heffingsambtenaar later alsnog, afzonderlijk, beslist op het verzoek om vergoeding van kosten dient die beslissing op één lijn te worden gesteld met een (afzonderlijke) beslissing op bezwaar, waartegen afzonderlijk beroep bij de rechtbank kan worden ingesteld. Opmerking verdient dat in een geval waarin wel (tijdig) beroep is ingesteld tegen het besluit op bezwaar, dat beroep geacht wordt mede gericht te zijn tegen een nadien genomen beslissing op het verzoek om vergoeding van kosten, dat de beslissing op het bezwaar completeert. Dan is het dus niet nodig afzonderlijk beroep in te stellen tegen de later alsnog genomen beslissing over vergoeding van kosten.
 

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.