In bezwaar verstrekte toereikende machtiging geldt ook in beroepsfase

Namens belanghebbende stellen twee medewerkers van WOZ-consultants beroep in bij Rechtbank Oost-Brabant. De rechtbank heeft deze twee medewerkers verzocht om een schriftelijke machtiging die is verstrekt na de uitspraken op bezwaar. De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk nadat, ook na rappel, de machtiging niet wordt verstrekt. Deze beslissing blijft in verzet in stand.
De Hoge Raad oordeelt dat een machtiging om beroep in te stellen niet hoeft te dateren van na de bestreden uitspraak op bezwaar. Belanghebbende heeft in de bezwaarfase een machtiging verstrekt waaruit blijkt dat de medewerkers bevoegd zijn om (onder meer) beroep in te stellen in de onderhavige zaken. Er hebben zich geen omstandigheden voorgedaan als bedoeld in art. 3:72 BW waardoor de vertegenwoordigingsbevoegdheid van de gemachtigden zou zijn geëindigd. Er bestond daarom in redelijkheid geen aanleiding voor de rechtbank om eraan te twijfelen of die bevoegdheid ten tijde van het instellen van beroep nog bestond, en op die grond een nieuwe machtiging te verlangen. De Hoge Raad verklaart de verzetten alsnog gegrond en draagt de rechtbank op om de beroepen alsnog inhoudelijk te behandelen.
 

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.