Geen aannemelijke beroepsuitoefening ondanks beroep op privacy
De rechtbank oordeelt dat geen sprake is van het verlenen van rechtsbijstand die voor vergoeding in aanmerking komt. De heffingsambtenaar wijst erop dat gemachtigde telkens gelieerde personen met dezelfde achternaam vertegenwoordigt. Het ligt op de weg van X om aannemelijk te maken dat er sprake is van het verlenen van rechtsbijstand aan anderen dan familieleden. Dat gemachtigde vanwege privacy verder geen informatie over zijn andere cliënten kan verstrekken, acht de rechtbank onvoldoende. Aan de hand van andere informatie dan persoonsgegevens is het ook mogelijk een concreter beeld te geven van de beroepsuitoefening. Dat de afgelopen 45 jaar enkel is geprocedeerd voor niet-gelieerde personen acht de rechtbank eveneens onvoldoende.
Terug naar kennisbankDATUM:
04 december 2025
ECLI:
ECLI:NL:RBDHA:2025:26044
ZAAKNUMMER:
25/2313
INSTANTIE:
Rechtbank Den Haag
