Geen afwijking van de voorkeursvolgorde toegestaan
In geschil is of X terecht is aangemerkt als belastingplichtige voor de rioolheffing. Art. 3 van de Beleidsregels voor het aanwijzen van een belastingplichtige in een keuzesituatie bepaalt dat de aanslag wordt opgelegd aan degene die genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is, en bij het ontbreken daarvan, aan degene die het langst het belastingobject gebruikt. De heffingsambtenaar heeft X als belastingplichtige aangewezen met een beroep op art. 9 van de Beleidsregels, omdat hij hoofdgebruiker zou zijn. De rechtbank oordeelt dat dit artikel niet van toepassing is, nu afwijking van de voorkeursvolgorde alleen is toegestaan bij onvoldoende betaalcapaciteit of een niet-doeltreffende invordering bij de andere belastingplichtige. Niet is gebleken dat de ondernemingen niet in staat zouden zijn tot betaling van de belasting of dat invordering bij hen niet doeltreffend zou kunnen plaatsvinden. Gelet op de langere vestigingsduur van de ondernemers, had de aanslag aan een van hen moeten worden opgelegd.
Terug naar kennisbankDATUM:
11 juli 2025
ECLI:
ECLI:NL:RBDHA:2025:16769
ZAAKNUMMER:
24/9954
INSTANTIE:
Rechtbank Den Haag
