Geen herstel voor valse machtiging
Het hof heeft opgemerkt dat de handtekening op de machtiging niet overeenkomt met de handtekening van X op zijn aangifte. De adviseur heeft erkend dat de handtekening op de machtiging vals is. Het hof heeft vastgesteld dat de adviseur kennelijk het Hof op het verkeerde been heeft willen zetten en geoordeeld dat het pretenderen wel rechtsgeldig gemachtigd te zijn om hoger beroep in te stellen een dusdanige ernstige schending van de fundamentele beginselen van het procesrecht vormt dat de gelegenheid tot herstel niet passend zou zijn. De A-G meent dat het indienen van een valse machtiging met het kennelijk oogmerk de rechter op het verkeerde been te zetten geen verzuim is, dat is een vergrijp tegen de goede procesorde. Degene die dit vergrijp pleegt, verwerkt zijn recht om namens de belanghebbende te procederen en hem komt geen recht op herstel toe.
Terug naar kennisbankDATUM:
23 mei 2025
ECLI:
ECLI:NL:PHR:2025:578
ZAAKNUMMER:
24/03581
INSTANTIE:
Conclusie A-G Koopman
