Dorpsgracht Giethoorn

In geschil is of het (mee)varen in gehuurde motorvaartuigen in de Dorpsgracht van Giethoorn een vermakelijkheid is in de zin van de Gemeentewet. Feit van algemene bekendheid is (inmiddels) dat Giethoorn, en in het bijzonder het varen op de Dorpsgracht, onmiskenbaar een gerenommeerde bezienswaardigheid is. Het is voldoende aannemelijk dat sprake is van vermaak en daarnaast dat het heffingsgebied voldoende onderscheidend is. Bij het geven van die vermakelijkheid wordt gebruik gemaakt van voorzieningen in de zin van art. 229 lid 1, aanhef en onder c, Gemeentewet. Dat extra kosten moeten worden gemaakt voor de 1,5 miljoen jaarlijkse bezoekers is evident en onvermijdelijk. Nu onbetwist is dat tussen paal 1 en paal 5 het drukste gedeelte betreft, is daarmee ook aannemelijk dat de voorzieningen met name aan dat gebied worden besteed. De heffingsambtenaar heeft het registratie- en handhavingssysteem toegelicht. Het is de rechtbank duidelijk geworden dat dit systeem lacunes kende, wat ook valt te verwachten bij de invoering van een nieuwe heffing met daarbij een nieuw registratiesysteem. Het is de rechtbank echter niet gebleken dat sprake is van gebreken van dien aard, die maken dat niet van de door het systeem geregistreerde gegevens kan worden uitgegaan. De heffingsambtenaar heeft met de 35 foto’s, in combinatie met de uitleg, voldoende aannemelijk gemaakt dat de belastbare feiten zich hebben voorgedaan.  

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.