Zonder onderzoek opleggen van 19 naheffingsaanslagen is disproportioneel

X heeft op 1 november een parkeervergunning aangevraagd maar er gold een wachtlijst. X parkeerde vanaf die datum toch in zijn straat. Vanaf 5 november zijn door de heffingsambtenaar van de gemeente Tilburg 19 naheffingsaanslagen parkeerbelasting opgelegd. X moet in ieder geval vanaf 29 november ermee bekend zijn geweest dat er naheffingsaanslagen zouden worden opgelegd als hij zou blijven parkeren zonder vergunning. Daarna zijn nog 13 naheffingsaanslagen met kosten opgelegd tot hij op 7 januari een parkeervergunning kreeg. De gemeente Tilburg heeft geen beleid dat er op enig moment, bijvoorbeeld na 5 naheffingsaanslagen, contact wordt opgenomen met de belanghebbende. Gelet op het uit art. 225 lid 1 Gemeentewet blijkende doel van de heffing van parkeerbelasting, parkeerregulering, kan niet gezegd worden dat deze reeks naheffingsaanslagen leidt tot een belastingheffing die de wetgever voor ogen heeft gehad. Het zonder enig onderzoek opleggen van 19 naheffingsaanslagen in een tijdsbestek van 2 maanden acht de rechtbank disproportioneel en komt in strijd met wat van een zorgvuldig handelende overheid mag worden verwacht. De heffingsambtenaar had kunnen en moeten onderzoeken wat er aan de hand zou kunnen zijn. De rechtbank vindt dit onzorgvuldig en ziet hierin aanleiding om van de 19 naheffingsaanslagen, er 3 in stand te laten, die met overtredingsdatum 15 november 2021, 2 en 15 december 2021. De beroepen tegen de invorderingskosten treft hetzelfde lot als de naheffingsaanslagen. 

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.