Kasstromen gebruiker zijn niet relevant bij bepaling bedrijfswaarde

De heffingsambtenaar van de gemeente Amersfoort heeft de WOZ-waarde voor een golfcomplex vastgesteld op basis van de gecorrigeerde vervangingswaarde. Eigenaar X stelt dat de bedrijfswaarde lager is, gelet op haar discounted cashflow berekeningen die mede zijn gebaseerd op kasstromen van de gebruiker, zijnde een v.o.f. waarvan twee dochtervennootschappen van X de vennoten zijn. Het hof oordeelt dat X niet in haar bewijslast is geslaagd omdat de DCF-berekeningen mede zijn gebaseerd is op de kasstromen van de gebruiker (nieuwsservice 2022, week 38, ECLI:NL:GHARL:2022:7510). De A-G meent, gelet op het Veendam-arrest en het Ahoy-arrest, dat het hof terecht tot uitgangspunt heeft genomen dat de bedrijfswaarde moet worden bepaald vanuit het perspectief van de eigenaar. Dat wordt niet anders door de omstandigheid dat de exploitatieresultaten van de gebruiker belanghebbende (indirect) aangaan in de hoedanigheid van aandeelhouder. 

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.