Erkenning onrechtmatigheid ná onherroepelijk worden beschikking
X verzoekt om vergoeding van schade omdat de WOZ-waarden voor de jaren 1995-2016 te hoog waren. De rechtbank wees het verzoek alleen toe voor de beschikkingen 2014-2016. Het hof oordeelde dat ook voor die jaren geen grond is voor schadevergoeding. Omdat de WOZ-beschikkingen 2014-2016 onherroepelijk vaststaan, moet op basis van het leerstuk van de formele rechtskracht in beginsel worden aangenomen dat deze beschikkingen rechtmatig zijn. De erkenning van de heffingsambtenaar van de gemeente Waadhoeke dat de WOZ-beschikkingen onrechtmatig zijn, leidt niet tot een uitzondering op het beginsel van de formele rechtskracht, omdat deze is gedaan nádat de WOZ-beschikkingen onherroepelijk zijn geworden (nieuwsservice 2022, week 41, ECLI:NL:GHARL:2022:7917). De A-G bevestigde dit oordeel (nieuwsservice 2023, week 28, ECLI:NL:PHR:2023:571). De Hoge Raad oordeelt dat alleen als het bestuursorgaan de onrechtmatigheid van zijn besluit heeft erkend vóór het verstrijken van de termijnen voor het aanwenden van de openstaande bestuursrechtelijke rechtsmiddelen, of voordat het besluit na het aanwenden van dergelijke rechtsmiddelen onherroepelijk wordt, aanleiding bestaat om een uitzondering te maken op het beginsel van formele rechtskracht. Het cassatieberoep is ongegrond.
Terug naar kennisbankDATUM:
17 november 2023
ECLI:
ECLI:NL:HR:2023:1568
ZAAKNUMMER:
22/03769
INSTANTIE:
Hoge Raad
