In redelijkheid geen twijfel over de grond van de niet-ontvankelijkheid

De heffingsambtenaar van de gemeente Nissewaard heeft X in de gelegenheid gesteld om het bezwaarschrift aan te vullen en er daarbij op gewezen dat het anders niet-ontvankelijk wordt verklaard. Dit verzoek is nog eens herhaald. De heffingsambtenaar is niet verplicht de letterlijke wettekst van art. 6:6 Awb te citeren, waarin staat dat het bezwaar niet-ontvankelijk kan worden verklaard. Het bezwaar is terecht niet-ontvankelijk verklaard. De stelling van X dat een hoorgesprek had moeten plaatsvinden faalt, aangezien de heffingsambtenaar kon afzien van het horen op grond van het bepaalde in art. 7:3 letter a Awb. Art. 7:12 lid 1 Awb vereist dat in de uitspraak op bezwaar wordt aangegeven op welke grond dit is geschied. Dat hieraan niet was voldaan, kan niet leiden tot vernietiging van de uitspraak op bezwaar. De constatering door het hof dat in redelijkheid geen twijfel mogelijk is over de grond van de niet-ontvankelijkheid van het bezwaar volstaat.  

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.