Geen verplichting om aanslagen OZBE en OZBG gelijktijdig op te leggen

 X, eigenaar en gebruiker van de onroerende zaak, stelt dat de heffingsambtenaar van BSGR de aanslag OZBG niet gelijktijdig met de beschikking heeft opgelegd. Dit is in strijd met art. 24 lid 9 Wet WOZ en het bezwaarschrift is daardoor ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank overweegt dat de beschikking en de aanslag OZBE in één geschrift bekend zijn gemaakt. X was bij het ontvangen van de beschikking en de aanslag OZBE dan ook op de hoogte van de waarde van de onroerende zaak en had hier op dat moment binnen 6 weken bezwaar tegen kunnen maken. Dat X pas bij het opleggen van de aanslag OZBG bezwaar tegen de waarde heeft gemaakt, komt voor haar rekening en risico. Er bestaat geen verplichting om de aanslagen OZBE en OZBG gelijktijdig op te leggen.

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.