Tijdens lockdown was geen gebruik van winkel mogelijk
X is huurder van een winkel waarin zij een kledingzaak exploiteert. X stelt dat zij de onroerende zaak als gevolg van de COVID-19 maatregelen niet heeft kunnen gebruiken en dat daarom geen OZB verschuldigd is. Vaststaat dat begin 2021 sprake was van een algehele lockdown op grond waarvan kledingwinkels gesloten dienden te blijven. X stelt dat zij, gezien het huurcontract, de winkel uitsluitend mocht gebruiken voor de verkoop van kleding van één merk en dat dit gebruik door de algehele lockdown niet meer mogelijk was. Er was nooit voorraadvorming omdat dit landelijk werd gefaciliteerd door het kledingmerk. Ook eventuele internetverkopen vonden plaats via de landelijke website van het kledingmerk zonder bemoeienis van X. X heeft aannemelijk gemaakt dat er geen sprake was van “gebruik” in de zin van art. 220 Gemeentewet.
Terug naar kennisbankDATUM:
04 mei 2023
ECLI:
ECLI:NL:RBDHA:2023:6729
ZAAKNUMMER:
21/6632
INSTANTIE:
Rechtbank Den Haag
