Geen gedoogplicht
Voor een project zijn aan X aanslagen precariobelasting opgelegd voor het hebben van een bouwplaats op gemeentegrond. Volgens de rechtbank staat nergens in de ontwikkelovereenkomst en koopovereenkomst van de projectontwikkelaar en de gemeente dat de gemeente voor de stukken grond waarvoor X is aangeslagen voorwerpen moet gedogen. X verwijst nog naar een aantal e-mails, maar daaruit blijkt echter niet dat de gemeente in haar hoedanigheid als privaatrechtelijke rechtspersoon afspraken heeft gemaakt en dat daardoor een gedoogplicht ontstaat. De toezegging dat X het parkeerterrein gratis mocht gebruiken, is onvoldoende concreet om daaruit af te leiden dat er geen precario zou worden geheven. X voert verder aan dat over een groot gedeelte van de grond geen precariobelasting kan worden geheven, omdat deze niet bestemd is voor de openbare dienst. De gronden waren volgens de rechtbank voor een ieder vrij toegankelijk. Bij de toets of sprake is van grond voor openbare dienst bestemd, is de planologische bestemming niet van belang. Anders dan X aanvoert, is het niet zo dat de aan de grond gegeven functie moet strekken tot behartiging van een taak die bij wet aan de gemeente is opgedragen.
Terug naar kennisbankDATUM:
17 april 2023
ECLI:
ECLI:NL:RBROT:2023:3110
ZAAKNUMMER:
22/3360
INSTANTIE:
Rechtbank Rotterdam
