Geen begunstigend beleid
X, producent van industriële gassen die zij transporteert en levert aan afnemers in de Rotterdamse haven, doet een beroep op het gelijkheidsbeginsel omdat de heffingsambtenaar geen precariobelasting van Gasunie heft voor gasleidingen die worden gebruikt voor de levering van gas aan niet-industriële gebruikers. De rechtbank oordeelde dat geen sprake is van gelijke gevallen, en al zou dat wel zo zijn, dan is geen sprake van begunstigend beleid (nieuwsservice 2021, week 14, ECLI:NL:RBROT:2021:2383). Ook het hof oordeelt dat de heffingsambtenaar geen begunstigend beleid heeft gevoerd. De gastransportleidingen van X hebben alle een werkdruk van meer dan 10 bar en worden niet gebruikt voor de levering van gas aan niet-industriële afnemers. Voor zover uit de Vaststellingsovereenkomst met Gasunie naar voren komt dat Gasunie voor haar leveranties van aardgas als basisvoorziening de facto een vrijstelling geniet, betreft het geen gelijk geval als dat van X, omdat over de gastransportleidingen van X dergelijke leveringen niet plaatsvinden (nieuwsservice 2021, week 48, ECLI:NL:GHDHA:2021:2144). De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond met toepassing van art. 81 lid 1 RO.
Terug naar kennisbankDATUM:
24 juni 2022
ECLI:
ECLI:NL:HR:2022:954
ZAAKNUMMER:
21/04968
INSTANTIE:
Hoge Raad
