Deel opgelegde naheffingsaanslagen onevenredig

Aan X zijn in 16 dagen 8 naheffingsaanslagen opgelegd. X stelt dat hij alle naheffingsaanslagen in één keer via zijn moeder (kentekenhouder van de auto) heeft ontvangen en toen bezwaar heeft gemaakt. Gelet op de verzenddatum van de eerste naheffingsaanslagen gaat de rechtbank er vanuit dat deze uiterlijk 27 januari zijn ontvangen. Dat X pas half februari hiervan op de hoogte kwam, is voor zijn rekening en risico. Omdat X op 27 januari kennis kon nemen van de eerste aanslagen oordeelt de rechtbank dat de laatste 3 naheffingsaanslagen, voor het parkeren na die datum, in stand dienen te blijven. De rechtbank overweeg verder dat het opleggen van de eerste 5 naheffingsaanslagen voor X tot een zodanig financieel nadeel leidt, dat dit onevenredig is met de door de naheffingsaanslagen beoogde parkeerregulering. De heffingsambtenaar had na het opleggen van de eerste 3 naheffingsaanslagen enige tijd moeten gunnen om de fout te herstellen. De vierde en vijfde naheffingsaanslag kunnen niet in stand blijven. 

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.