Beleid hoedanigheidscorrectie niet onredelijk

De heffingsambtenaar van GBLT heeft de aanvraag van X om voor de berekening van de vervuilingswaarde de hoedanigheidscorrectie (T-correctie) toe te passen ingewilligd. Partijen zijn verdeeld over de hoogte van de grenswaarden voor onopgeloste bestanddelen en voor bezinkselvolume, die in de beschikking T-correctie als voorwaarden voor toepassing van die correctie zijn opgenomen. X stelt dat er een zeer zwakke, dan wel niet eenduidige relatie is tussen het CZV bij een goed werkende zuivering en de waarden van onopgeloste bestanddelen en bezinkselvolume. Het is dan ook onredelijk om daarvoor grenswaarden vast te stellen op basis van een vermeende relatie, namelijk het rekenkundig gemiddelde. De heffingsambtenaar meent dat de voorgeschreven grenswaarden geschikt zijn als criterium voor een goed werkende en zuiverende waterzuivering. Het dagelijks bestuur van het GBLT heeft in het Protocol T-correctie aangegeven welke methodiek en testen kunnen worden uitgevoerd om het percentage CZV door biologisch (nagenoeg) niet afbreekbare stoffen in het afvalwater te bepalen. De heffingsambtenaar heeft toegelicht waarom de hoeveelheden bezinkbare bestanddelen en onopgeloste bestanddelen iets zeggen over de werking van het zuiveringsproces. De rechtbank acht, gezien die toelichting, het beleid zoals neergelegd in het Protocol T-correctie niet onredelijk.  

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.