De redelijke termijn eindigt wanneer de rechter uitspraak doet in de hoofdzaak
In geschil is of de uitspraak moet worden vernietigd, omdat deze niet in het openbaar is gedaan en of de rechtbank een hoger bedrag aan immateriële schadevergoeding had moeten toekennen. De redelijke termijn van twee jaar voor de behandeling van de zaak eindigt wanneer de rechter uitspraak doet in de procedure met betrekking tot de hoofdzaak. Deze termijn loopt niet door als de rechter in de hoofdzaak het onderzoek heropent om een nadere uitspraak te doen over de vergoeding van immateriële schade. Indien de rechter het onderzoek bij zijn uitspraak in de hoofdzaak heropent om een nadere uitspraak te doen over het recht op vergoeding van immateriële schade wegens de duur van het proces, geldt dat hij uitspraak daarover moet doen binnen een jaar na de uitspraak in de hoofdzaak. Het hof vernietigt wel de rechtbankuitspraak, omdat deze niet in het openbaar is uitgesproken, maar laat de rechtsgevolgen in stand.
Terug naar kennisbankDATUM:
22 september 2020
ECLI:
ECLI:NL:GHARL:2020:7494
ZAAKNUMMER:
19/01016
INSTANTIE:
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
