Geen procesbelang bij ten onrechte genomen WOZ-beschikking
De rechtbank vraagt zich af of de bestreden WOZ-beschikking voor kalenderjaar 2016 terecht aan belanghebbende is afgegeven en of belanghebbende een procesbelang heeft. Belanghebbende is namelijk geen eigenaar of gebruiker van de woning, maar betaalde de aanslag OZB die op naam stond van zijn ex-echtgenote. Zijn ex-echtgenote ging in bezwaar waardoor de WOZ-waarde en aanslagen verminderd werden. Belanghebbende kreeg het te veel betaalde teruggestort en verzocht vervolgens om een eigen beschikking.
De rechtbank overweegt dat belanghebbende geen eigenaar of gebruiker van de woning was, of in 2016 is geworden. Daarnaast vloeide de betalingsverplichting niet voort uit een wettelijk voorschrift, maar uit onderlinge afspraken tussen de ex-echtgenoten. Dat belanghebbende de WOZ-waarde gebruikt om de waarde van de woning vast te stellen in verband met verdeling vanwege echtscheiding, leidt niet tot het verkrijgen van een procesbelang. De rechtbank oordeelt dat de WOZ-beschikking ten onrechte ten aanzien van belanghebbende is genomen. Omdat sprake is van een ‘gesloten stelsel’, mag niet worden voortgeborduurd op deze fout. Bovendien kon belanghebbende ook geen beroep instellen tegen de aan zijn ex-echtgenote opgelegde WOZ-beschikking. Belanghebbende heeft geen procesbelang. De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
DATUM:
03 augustus 2018
ECLI:
ECLI:NL:RBZWB:2018:4993
ZAAKNUMMER:
08/03/2018
INSTANTIE:
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
