De proceskosten zijn vergoed overeenkomstig de intentie van partijen
Belanghebbende stelt dat de heffingsambtenaar van RBG de proceskosten voor het verschijnen op de hoorzitting te laag heeft vastgesteld.
De rechtbank overweegt dat uit de stukken blijkt dat de gemachtigde van belanghebbende en de heffingsambtenaar de intentie hebben uitgesproken om voor het jaar 2018, net als in 2017, afspraken te maken over de bezwaarafhandeling. Hiertoe hebben beide partijen voorstellen gedaan welke nagenoeg overeen komen. Zij zien op planning en proceskosten, waaronder de vergoeding (0,75 punt) voor het verschijnen ter hoorzitting. Gelet op dit gegeven in samenhang bezien met de intentie en ambitie van partijen, volgt de rechtbank de gemachtigde van belanghebbende niet in zijn stelling dat er, nu de spreekwoordelijke klap op de afspraken lijkt te ontbreken, geen afspraken zijn gemaakt. De rechtbank oordeelt dat de proceskosten zijn vergoed overeenkomstig de intentie van partijen.
DATUM:
08 september 2020
ECLI:
niet gepubliceerd
ZAAKNUMMER:
ROT 18/3900
INSTANTIE:
Rechtbank Rotterdam
