Oude aanslag vernietigd, overgangsregeling geldt

Belanghebbende heeft met dagtekening 31 mei 2017 een aanslag precariobelasting ontvangen. Met dagtekening 31 december 2017 ontving zij een nieuwe aanslag voor hetzelfde bedrag. De raad van de gemeente Veenendaal heeft op 29 oktober 2015 de Verordening vastgesteld. In het lokale weekblad van 23 december 2015 is in de rubriek Gemeentenieuws gemeente Veenendaal meegedeeld dat de Verordening is vastgesteld en ter inzage ligt bij de gemeente. De Verordening is op 9 november 2017 gepubliceerd in het elektronisch toegankelijke Ge-meenteblad. Belanghebbende voert aan dat de oude aanslag niet kon worden gebaseerd op de Verordening, aangezien deze een wettelijke grondslag ontbeert. De heffingsambtenaar voert aan dat de publicatie in de lokale krant moet worden gezien als een vervangende uitgave als bedoeld in art. 139 lid 2 Gemeentewet.
De rechtbank overweegt dat de Verordening niet rechtsgeldig bekend is gemaakt door de mededeling in de lokale krant, nu niet is gebleken dat bekendmaking in het elektronisch uitgegeven gemeenteblad onmogelijk was. De Verordening is onverbindend en de oude aanslag wordt herroepen. Ten aanzien van de nieuwe aanslag overweegt de rechtbank dat vanaf 1 juli 2017 geen precariobelasting meer geheven kan worden voor kort gezegd openbare werken van algemeen nut. Het overgangsrecht bepaalt dat in afwijking hiervan gemeenten waarin op 10 februari 2016 een belastingverordening gold voor het heffen van precariobelasting voor openbare werken van algemeen nut, die belasting kunnen blijven heffen tot 1 januari 2022. Belanghebbende voert aan dat de Verordening niet gold op 10 februari 2016. De rechtbank overweegt dat hoewel voor de inwerkingtreding is vereist dat de Verordening op de juiste wijze bekend wordt gemaakt, dat niet betekent dat het besluit daaraan voorafgaand nog niet geldt. De rechtbank vindt steun voor deze opvatting de uitspraak van Gerechtshof Amster-dam van 11 februari 2016 (ECLI:NL:GHAMS:2016:493). Volgens belanghebbende is de nieuwe aanslag in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel, aangezien de Verordening pas in werking is getreden aan het einde van het jaar volgend op het betreffende belastingjaar. De Verordening is vastgesteld in de openbare vergadering van de gemeenteraad voor de datum van ingang van het belastingtijdvak, dus belanghebbende kan redelijkerwijs (voorbereid en) op de hoogte zijn geweest van het feit dat de Verordening (materieel) zou gaan gelden vanaf 1 januari 2016, en, bij benadering, van de omvang van de daaruit voortvloeiende belastingschuld. Er is onder deze omstandigheden geen strijd met het rechtszekerheidsbeginsel. De Verordening is tijdig vastgesteld, dus het overgangsrecht is van toepassing. De heffingsambtenaar mocht ten tijde van het opleggen van de nieuwe aanslag nog precariobelasting heffen.
 

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.