Aanslag terecht opgelegd aan de oudste, meerderjarige man
De heffingsambtenaar van de gemeente Venlo heeft aan belanghebbende aanslagen afvalstoffenbelasting en rioolheffing opgelegd. Belanghebbende is van mening dat de beleidsregels discriminatoir zijn, omdat voor de tenaamstelling van de aanslagen geselecteerd wordt op geslacht en leeftijd. De heffingsambtenaar heeft aangegeven dat de tenaamstelling van de aanslagen is geschied overeenkomstig de beleidsregels en dat er geen sprake is van discriminatie bij het aanwijzen van de belastingplichtige bij de tenaamstelling van de aanslagen.
Het hof overweegt dat de aanslag aan een van de bewoners mag worden opgelegd (HR 17 oktober 2008, LJN BF9110, en 15 februari 1995, nr. 30248, BNB 1995/229). De gemeente mag echter daarbij niet naar willekeur handelen; zij moet, indien er meer gebruikers zijn, handelen conform beleid. Dit betekent dat de heffingsambtenaar gehouden is op grond van kenbare beleidsregels duidelijk te maken, aan welke bewoner de aanslag zal worden opgelegd. Aan die voorwaarde is, naar niet in geschil is, voldaan. Nu de wetgever voor de vraag wie van de gebruikers daadwerkelijk in de heffing moet worden betrokken geen (nadere) aanknopingspunten heeft geboden, heeft de heffingsambtenaar niet willekeurig gehandeld door conform de beleidsregels te handelen. Het stond de heffingsambtenaar vrij op grond van de beleidsregels de aanslagen op te leggen aan belanghebbende. Belanghebbende kan de heffingen vervolgens naar rato verhalen op zijn ex echtgenote. Nu sprake was van kenbare beleidsregels, waarvan niet ten nadele van belanghebbende is afgeweken, is geen sprake van willekeur of discriminatie. De beleidsregels geven slechts een voor de praktijk onmisbare regeling.
DATUM:
29 oktober 2014
ECLI:
ECLI:NL:GHSHE:2014:4482
ZAAKNUMMER:
13/00824
INSTANTIE:
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
