Ter zitting in hoger beroep opgeworpen stelling is tardief
Belanghebbende heeft ter zitting bij het hof een nieuwe stelling opgeworpen door aan te voeren dat het voorlopig college van dijkgraaf en hoogheemraden van het hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (hierna: HHNK) niet bevoegd was het aanwijzingsbesluit te nemen. De heffingsambtenaar heeft ter zitting verklaard dat hij op dat moment niet inhoudelijk op de stelling kon reageren en dat hij zo nodig alsnog de gelegenheid wil krijgen om zich over die stelling uit te laten.
Het hof oordeelt dat belanghebbende heeft gehandeld in strijd met een goede procesorde door deze stelling pas ter zitting bij het hof op te werpen. Het aanwijzingsbesluit, waaruit belanghebbendes stelling voortkomt, was reeds als bijlage gevoegd bij het verweerschrift. De heffingsambtenaar is hierdoor ernstig in zijn verdediging belemmerd. Er is een nader onderzoek noodzakelijk om die belemmering weg te nemen, hetgeen op gespannen voet staat met een ordelijk verloop van de procedure. Derhalve acht het hof belanghebbendes standpunt tardief en is het geschilpunt dan ook niet inhoudelijk beoordeeld.
Daarnaast is in geschil of het algemeen bestuur van HHNK bevoegd was om de omslagverordening vast te stellen. Belanghebbende betwist in het bijzonder de verbindendheid van het kiesreglement en daarmee ook de rechtsgeldigheid van de verkiezing van dit bestuur. Belanghebbende had deze grief naar voren moeten brengen in een beroep op artikel 30a van de Waterschapswet. Uit voornoemd artikel vloeit voort dat de rechtsgeldigheid van het kiesreglement niet in een later stadium alsnog aan de orde kan worden gesteld door op dezelfde gronden de bevoegdheid van het algemeen bestuur tot vaststelling van de verordening te betwisten. Het hof verklaart het hoger beroep ongegrond.
DATUM:
18 maart 2008
ECLI:
ECLI:NL:GHAMS:2008:BC7048
ZAAKNUMMER:
06/00238
INSTANTIE:
Gerechtshof Amsterdam
