Risico ontvangen van post bij verblijf in het buitenland
De Inspecteur heeft aan belanghebbende navorderingsaanslagen IB/PVV opgelegd. Op het moment dat de Inspecteur de navorderingsaanslagen oplegde, woonde belanghebbende volgens de gegevens uit de Basisregistratie personen nog niet in Spanje. Van een onjuiste adressering van het aanslagbiljet door de Inspecteur is geen sprake geweest. Belanghebbende geeft een verklaring over het aanhouden van een Spaanse bankrekening in verband met een recreatiewoning aldaar. Belanghebbende noemt daarin terloops dat hij de winters er doorbrengt. Uit die brief is niet af te leiden dat belanghebbende in Spanje woonde of ging wonen. Het hof oordeelt dat uit geen van de andere gedingstukken het wonen is af te leiden. Eveneens is uit deze brief en ook niet uit andere correspondentie af te leiden dat zich omstandigheden voordeden die voor de Inspecteur aanleiding moesten vormen belanghebbende er op te wijzen dat hij zelf zorg moest dragen voor de doorzending van zijn post van Nederland naar Spanje. Het risico van het niet of niet tijdig ontvangen van de post bij langdurig verblijf of wonen in het buitenland is voor de belastingplichtige. Er zijn geen omstandigheden komen vast te staan dat de Inspecteur in deze onjuist zou hebben gehandeld. Het verstrijken van enige tijd tussen het aankondigen van de aanslagen en het opleggen rechtvaardigt niet de conclusie dat de Inspecteur van het opleggen af heeft gezien. Belanghebbende heeft niet aannemelijk gemaakt dat de termijnoverschrijding niet aan hem kan worden toegerekend.
Terug naar kennisbankDATUM:
04 juni 2014
ECLI:
ECLI:NL:GHDHA:2014:1901
ZAAKNUMMER:
BK-12/00768 en 00769
INSTANTIE:
Gerechtshof Den Haag
