Aannemelijk dat faxbericht is verzonden naar de gemeente
De heffingsambtenaar van de gemeente Vught heeft aan belanghebbende een WOZ-beschikking bekendgemaakt en een aanslag OZB opgelegd middels een beschikking met dagtekening 30 april 2016. Belanghebbende heeft hiertegen bezwaar willen maken. Met dagtekening 28 september 2016 heeft de gemachtigde van belanghebbende een e-mail aan de gemeente verstuurd met als bijlagen een brief met als onderwerp ‘Bezwaarschrift’ en gedagtekend 3 juni 2016, een machtiging en een faxbewijs. Deze brief heeft de heffingsambtenaar aangemerkt als bezwaarschrift tegen de beschikking en de aanslag, maar hij heeft het bezwaar wegens termijnoverschrijding niet-ontvankelijk verklaard en ambtshalve in behandeling genomen. In geschil is de ontvankelijkheid van het bezwaarschrift. Belanghebbende stelt dat het bezwaarschrift op 3 juni 2016 per reguliere post en per fax is verzonden naar de gemeente, maar de heffingsambtenaar stelt dat hij noch het poststuk, noch de fax heeft ontvangen.
Het hof oordeelt allereerst dat ervan moet worden uitgegaan dat het poststuk niet op de genoemde datum is verzonden, omdat belanghebbende haar stelling niet met bewijsstukken heeft onderbouwd. Ten aanzien van het faxbericht heeft belanghebbende een kopie van het faxbericht, een automatisch gegenereerd faxbewijs, twee faxrapporten en een tweetal prints uit het CRM-systeem van zijn gemachtigde overlegd. De faxrapporten vermelden dat er op 3 juni 2016 en 30 september 2016 succesvol faxberichten zijn verstuurd en de prints uit het CRM-systeem vermelden dat er op dezelfde momenten faxvoorbladen zijn aangemaakt met een corresponderend uniek sleutelnummer. De heffingsambtenaar heeft enkel verklaard dat dagelijks een faxjournaal wordt geprint en door medewerkers van de gemeente wordt gecontroleerd of berichten ook daadwerkelijk fysiek beschikbaar zijn, maar dat het faxbericht van belanghebbende niet is gevonden.
Het hof oordeelt dat belanghebbende met hetgeen hij als bewijs aandraagt aannemelijk maakt dat het faxbericht op 3 juni 2016 is verzonden naar de gemeente. Het hof merkt daarbij op dat uit de stukken blijkt dat het faxbericht, dat de gemachtigde op 30 september 2016 naar de gemeente heeft verstuurd, wel door de gemeente is ontvangen en dat op dat faxbericht het (andere) unieke sleutelnummer staat, wat tezamen genomen een indicatie vormt voor de juistheid van belanghebbendes betoog. Het valt bovendien in onvoldoende mate uit te sluiten dat er aan de zijde van de gemeente iets fout is gegaan waardoor het faxbericht van 3 juni 2016 aldaar is zoekgeraakt. Er moet van worden uitgegaan dat het bezwaarschrift tijdig is ontvangen.
DATUM:
30 maart 2018
ECLI:
ECLI:NL:GHSHE:2018:1402
ZAAKNUMMER:
17/00539
INSTANTIE:
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
