Geen correctie op verkoopbedrag in verband met VvE-reserves
In geschil is de door de heffingsambtenaar van de gemeente Amsterdam vastgestelde waarde van een woning op waardepeildatum 1 januari 2017. Belanghebbende vindt dat de waarde lager moet worden vastgesteld omdat geen rekening is gehouden met de VvE-reserves bij de verkoopbedragen van de vergelijkingsobjecten. De rechtbank overweegt dat in de vraagbaak waardebepaling van de Waarderingskamer (vierde druk) staat dat in het algemeen geen rekening met de VvE-bijdrage hoeft te worden gehouden, tenzij de reserves hoger of te klein zijn dan noodzakelijk. De heffingsambtenaar heeft onbetwist gesteld dat uit de verkoop van het vergelijkingsobject in hetzelfde pand waarin belanghebbendes woning is gelegen, blijkt dat de reserves in 2016 nog € 57.000 waren en in 2017 € 4.000. Vast staat dat in 2017 ingrijpend onderhoud aan het pand is gepleegd. Hieruit acht de rechtbank aannemelijk dat de VvE-reserves van dit vergelijkingsobject niet te hoog of te laag dan noodzakelijk waren, zodat de heffingsambtenaar hier niet op hoefde te corrigeren. De waarde is niet te hoog vastgesteld.
Terug naar kennisbankDATUM:
25 maart 2019
ECLI:
niet gepubliceerd
ZAAKNUMMER:
18/7168
INSTANTIE:
Rechtbank Amsterdam
