Rekening houden met waardedruk van toekomstige windmolens
Belanghebbende is eigenaar van een vrijstaande woning waarbij in de buurt 8 tot 11 windmolens dreigen te worden geplaatst. Hij stelt dat door deze dreiging de WOZ-waarde lager vastgesteld moet worden.
De rechtbank overweegt dat voorafgaand aan de waardepeildatum de plannen niet voldoende bij het publiek bekend waren en artikel 18 lid 3 aanhef en onderdeel c Wet WOZ van toepassing is (vgl. ECLI:NL:GHARL:2016:8540). Er wordt gekeken naar de toestand in het kalenderjaar op 1 januari 2018. De heffingsambtenaar heeft de bewijslast dat de mogelijke komst van een windmolenpark geen waardedruk in het concrete geval genereert, dan wel dat met deze waardedruk voldoende rekening is gehouden. Hierbij moeten rekening gehouden worden met slagschaduw, geluidsoverlast, horizonvervuiling en andere depreciërende omstandigheden.
Beide partijen maken hun standpunt niet aannemelijk, waarna de rechtbank de waarde schattenderwijs vaststelt.
DATUM:
25 januari 2019
ECLI:
ECLI:NL:RBOBR:2019:472
ZAAKNUMMER:
18.1586
INSTANTIE:
Rechtbank Oost-Brabant
