Landelijke taxatiewijzer niet doorslaggevend bij waardering windturbines
Belanghebbende is eigenaar van windturbines met een masthoogte van 70 meter en een capaciteit van 1800 kW per jaar. Belanghebbende bepleit een verlaging van de door de rechtbank bepaalde waarde van € 1.992.708 naar € 1.688.000. De heffingsambtenaar concludeert tot bevestiging van de uitspraak van de rechtbank.
Het hof overweegt dat de landelijke taxatiewijzer bij het bepalen van de WOZ-waarde van windturbines slechts een hulpmiddel is. Volgens het hof maakt belanghebbende aannemelijk dat de waarde van de windmolens aanzienlijk lager ligt dan de met de taxatiewijzer berekende waarde. Nu het type windmolen niet meer wordt gemaakt, acht het hof het juist om voor de vervangingswaarde uit te gaan van de aanschafprijs uit 2006 gecorrigeerd met een bouwkostenindex. Vanwege de extra elektronica bedraagt de werktuigenvrijstelling 35% in plaats van 30%. Nu de gemeente Lelystad bij de berekening van de restwaarde van 10% ten onrechte geen rekening heeft gehouden met de kosten van verwijdering van de turbines, volgt het hof ook op dit punt de berekening van belanghebbende (5%). Het hof berekent de waarde op € 1.581.342 en stelt de waarde vast op de door belanghebbende voorgestane waarde.
DATUM:
24 september 2013
ECLI:
ECLI:NL:GHARL:2013:7343
ZAAKNUMMER:
12/00012
INSTANTIE:
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
