Waardebepaling voor gebruiker moet overeenkomstig hetgeen voor de eigenaar geldt

Belanghebbende exploiteert een kinderdagverblijf en een buitenschoolse opvang. De onroerende zaak is een afzonderlijk WOZ-object, maar maakt deel uit van een groter multifunctioneel gebouw. Belanghebbende gaat in zijn hoger beroep uit van de Taxatiewijzer Onderwijs, terwijl de heffingsambtenaar van de gemeente Berg en Dal de Taxatiewijzer Overheidsgebouwen wijk/-buurtcentrum heeft gehanteerd. In geschil is tevens of voldoende rekening is gehouden met de functionele veroudering.
Volgens het hof heeft het Ahoy-arrest (ECLI:NL:HR:2003:AF3651) ook na de invoering van de Wet WOZ zijn gelding behouden en volgt daaruit dat de waarde van de onroerende zaak dient te worden bepaald overeenkomstig hetgeen voor de eigenaar geldt, aangezien belanghebbende gebruiker is maar niet de eigenaar. Gelet op de aard van de onroerende zaak, het overgelegde taxatierapport en de toelichting door de heffingsambtenaar oordeelt het hof dat de Taxatiewijzer Overheidsgebouwen tot uitgangspunt moet worden genomen. De heffingsambtenaar heeft onweersproken gesteld dat geen sprake is van functionele veroudering, omdat er geen onderbezetting is, dat veelal sprake is van door de gemeente gesubsidieerde activiteiten waarvan wenselijk is dat die gehandhaafd blijven en dat het object steeds is verhuurd. Hieruit volgt dat de onroerende zaak sinds haar stichting steeds overeenkomstig de bedoeling van de eigenaar is geëxploiteerd. Belanghebbende heeft economische veroudering niet aannemelijk gemaakt. De vastgestelde waarde is niet te hoog.
 

Terug naar kennisbank

Deze website maakt gebruik van cookies

De noodzakelijke cookies zijn nodig voor het functioneren van de website. De statistiek-cookies verzamelen geen persoonsgegevens en helpen ons de site te verbeteren. Overige cookies zorgen voor een optimaal werkende website inclusief embedded content. Bekijk het cookiebeleid.