Perceel is niet op de vrije markt ter verkoop aangeboden
X heeft ter bepaling van de WOZ-waarde de grondprijs en de aanneemsom opgeteld. Volgens hem vertegenwoordigt die som de waarde in het economisch verkeer op de waardepeildatum. De rechtbank overweegt dat uit de koopovereenkomst van de gronduitgifte blijkt dat sprake is geweest van een ‘minnelijk onteigeningstraject’. In ruil voor een stuk grond heeft X van de gemeente het perceel kunnen verwerven om zijn restaurant op te vestigen. Het perceel is dus niet op de vrije markt ter verkoop aangeboden. Vervolgens heeft X het restaurant in eigen beheer gebouwd. Hiervoor heeft hij een aannemingsovereenkomst gesloten. Het is aannemelijk dat X hiermee kosten heeft bespaard. Die besparing moet echter wel worden betrokken bij de waarde in het economisch verkeer. De rechtbank acht de door X bepleite waarde niet aannemelijk en stelt de waarde schattenderwijs vast.
Terug naar kennisbankDATUM:
04 december 2019
ECLI:
ECLI:NL:RBMNE:2019:5741
ZAAKNUMMER:
UTR 18/4912
INSTANTIE:
Rechtbank Midden-Nederland
