Onjuiste voorlichting bij vergunningverlening
Belanghebbende heeft uit door een medewerker van de gemeente De Marne verstrekte informatie opgemaakt dat zijn garage vergunningsvrij kon worden geplaatst en dat voor de carport een bouwvergunning aangevraagd diende te worden. Na aanvraag van een bouwvergunning voor de carport is deze geweigerd wegens strijd met het bestemmingsplan en is gebleken dat ook voor de garage een bouwvergunning was vereist. De garage was inmiddels al geplaatst. Belanghebbende is door B&W in de gelegenheid gesteld om alsnog een ontheffing te verkrijgen, na de daarvoor te voeren procedure. De heffingsambtenaar heeft hierop een aanslag bouwleges voor de garage en de carport opgelegd. Voorts zijn leges voor een vrijstellingsprocedure opgelegd. Het bezwaar is ongegrond verklaard. De Rechtbank Groningen heeft het beroep gegrond verklaard en de aanslag verminderd met de leges voor de bouw van de garage (nieuwsservice 2011, week 12).
Belanghebbende is van mening dat hij door de gemeente onjuist is voorgelicht. Bovendien is hij van mening dat het bedrag aan leges van € 416 onredelijk hoog is vergeleken met de bouwsom van de carport van € 1.000.
Het hof overweegt dat het de belastingrechter niet vrij staat om over de hoogte van het tarief te oordelen. Er is geen sprake van een willekeurige of onredelijke belastingheffing. Ten aanzien van de voorlichting van de gemeente oordeelt het hof dat de gedragingen van de gemeente niet hebben plaatsgevonden in de procedure van de belastingheffing, maar in de procedure van de aanvraag, verlening of weigering van de bouwvergunning. Deze gedragingen kunnen daarom niet leiden tot vernietiging of verdere vermindering van de aanslag (HR 22 juli 1982, nr. 21 112, BNB 1983/20).
Het hof verklaart het hoger beroep ongegrond.
DATUM:
21 februari 2012
ECLI:
ECLI:NL:GHLEE:2012:BV6719
ZAAKNUMMER:
11/00132
INSTANTIE:
Gerechtshof Leeuwarden
