Terecht geheven voor aanvraag splitsingsvergunningen
De heffingsambtenaar van de gemeente Amsterdam, Stadsdeel Oud-Zuid, heeft aan belanghebbende leges voor een aanvraag splitsingsvergunning in rekening gebracht. Partijen hebben in een convenant afgesproken om het aantal koopwoningen te laten toenemen. Deze doelstelling is vastgesteld binnen de publieke verantwoordelijkheid van de gemeente voor het volkshuisvestingsbeleid in de stad. De Rechtbank Amsterdam heeft het beroep gegrond verklaard (nieuwsservice 2010, week 28). Niet in geschil is dat belanghebbende ter uitvoering van het convenant de splitsingsvergunningen heeft aangevraagd.
Het hof stelt voorop dat met de afgifte van een splitsingsvergunning in het algemeen een individualiseerbaar belang is gediend. Het hof overweegt dat uit het convenant niet kan worden afgeleid dat een verplichting is opgenomen voor individuele woningbouwcorporaties om een vooraf vastgesteld aantal woningen te verkopen. De woningbouwcorporaties hebben zich gezamenlijk verbonden. Verder kunnen zij op verschillende manieren uitvoering geven aan het streven doordat naast de verkoop van sociale huurwoningen onder andere uitbreidingsnieuwbouw en vervangende nieuwbouw mogelijk zijn. Anders dan belanghebbende heeft betoogd, kan niet worden aangenomen dat belanghebbende de splitsingsvergunningen uitsluitend heeft aangevraagd om gemeentelijk beleid uit te voeren. Door het sluiten van het convenant werd het voor belanghebbende mogelijk om splitsingsvergunningen te verkrijgen voor sociale huurwoningen en vervolgens de appartementsrechten te verkopen aan huurders. In zoverre verschillen de aanvragen van belanghebbende niet van die welke worden gedaan door particuliere eigenaren. Dat de gemeente door het verlenen van de vergunningen toezicht kan uitoefenen op splitsingen van onroerende zaken en dat daardoor meer woningen voor verkoop beschikbaar komen, dient weliswaar tevens een algemeen belang, maar neemt niet weg dat het individualiseerbaar belang van belanghebbende overheersend is. Het doel van de aanvragen van splitsingsvergunningen, dat belanghebbende onder andere huurders de eigendom van sociale huurwoningen kan laten verwerven, is naar het oordeel van het hof doorslaggevend.
Het hof verklaart het hoger beroep gegrond.
DATUM:
22 december 2011
ECLI:
ECLI:NL:GHAMS:2011:BV8926
ZAAKNUMMER:
10/00497
INSTANTIE:
Gerechtshof Amsterdam
