Verhoging tarief is geen verkapte heffing van OZB
Belanghebbende heeft een aanslag afvalstoffenheffing ontvangen van de gemeente Utrecht. De Rechtbank Utrecht heeft het beroep ongegrond verklaard. In hoger beroep is onder andere in geschil of het tarief dat bij het opleggen van de aanslag is gehanteerd, rechtmatig is vastgesteld.
Naar het oordeel van het hof ontleent de gemeente aan artikel 15.33 van de Wet milieubeheer de bevoegdheid om de kosten met gebruikmaking van de afvalstoffenheffing voor 100% te dekken. De rechter is niet bevoegd te treden in de motieven die een gemeente heeft om in meerdere of mindere mate van deze bevoegdheid gebruik te maken. Dat geldt ook voor de verhoging van het tarief waarvan de rechtmatigheid door belanghebbende wordt betwist. De omstandigheid dat de aanleiding van de verhoging van het tarief van de afvalstoffenheffing voor 2006 is gelegen in de vermindering van de belastingopbrengst van de gemeente door de afschaffing van de OZB van gebruikers van woningen (waardoor de mogelijkheid van bestrijding van de kosten van het inzamelen van afvalstoffen uit de algemene middelen van de gemeente werd beperkt) maakt dat niet anders. Het hof kan slechts de rechtmatigheid van de heffing toetsen en niet de (politieke) afweging om van het recht te heffen, zoals in dit geval, in meerdere mate gebruik te maken. Het verhogen van de heffing in verband met het wegvallen van een deel van de financiering uit algemene middelen maakt van die verhoging niet een verkapte heffing van OZB.
Het hof verklaart het hoger beroep ongegrond.
Terug naar kennisbank
DATUM:
16 december 2008
ECLI:
ECLI:NL:GHAMS:2008:BH4024
ZAAKNUMMER:
07/00344
INSTANTIE:
Gerechtshof Amsterdam
