Geen verplichting tot opnemen degressief tarief
Belanghebbende heeft i.v.m. het oprichten van een bedrijfshal een bouwvergunning aangevraagd. De bij de aanvraag begrote bouwsom bedroeg € 8.000.000.
In eerste aanleg heeft de Rechtbank Middelburg het in de tarieventabel opgenomen tarief van € 6,25 per € 500 aan bouwkosten onverbindend verklaard.
In hoger beroep stelt de heffingsambtenaar van de gemeente Vlissingen dat de rechtbank heeft miskend dat de voor bouwleges geldende heffingsmaatstaf aansluit bij het profijt dat de aanvrager van de bouwvergunning heeft en dat die maatstaf niet in strijd komt met het gelijkheidsbeginsel of het evenredigheidsbeginsel.
Het hof oordeelt dat het niet gaat om het kostendekkingspercentage per dienst of groep van diensten, maar om de kostendekking van alle in de verordening opgenomen diensten. In het onderhavige geval gaat de totale opbrengst van de leges niet uit boven de totale kosten. De winst van 2,08% op de bouwvergunningen rechtvaardigt op zich niet het oordeel dat sprake is van een willekeurige en onredelijke heffing. Het hof merkt daarnaast op dat de billijkheid van legesverordeningen in het algemeen aan het oordeel van de rechter is onttrokken. Gegrondbevinding van de stelling van belanghebbende dat het profijt dat een belastingplichtige heeft van de dienst van de gemeente niet rechtevenredig toeneemt met de hoogte van de bouwsom, leidt volgens het hof niet tot het oordeel dat de Verordening en de tarieventabel in strijd zijn met enig in het algemeen rechtsbewustzijn levend beginsel van behoorlijke wetgeving, of dat het op voorhand duidelijk moet zijn geweest dat die regeling moet leiden tot een legesheffing die de wetgever bij het toekennen van de bevoegdheid tot het heffen van leges niet op het oog kan hebben gehad. Noch uit de tekst van de wet, noch uit de daaraan ten grondslag liggende parlementaire behandeling blijkt dat de gemeente verplicht was een degressief tarief in de Verordening op te nemen of in de tariefstelling een limiet op te nemen.
Het hof verklaart het beroep van de heffingsambtenaar gegrond.
DATUM:
17 februari 2009
ECLI:
ECLI:NL:GHSGR:2009:BH6097
ZAAKNUMMER:
BK 07/00369
INSTANTIE:
Gerechtshof Den Haag
