Stichting is geen feitelijk gebruiker
Belanghebbende is een stichting, die professionele hulp en maatschappelijke opvang biedt aan jeugdigen. Belanghebbende bestrijdt de aanslag afvalstoffenheffing, omdat zij met een bedrijf een overeenkomst hebben voor het ophalen van bedrijfsafval. De rechtbank heeft het beroep gegrond verklaard. De heffingsambtenaar van Parkstad Limburg komt hiertegen in hoger beroep.
Het hof oordeelt dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat belanghebbende niet kan worden aangemerkt als feitelijk gebruiker. Wie feitelijk gebruiker is, moet naar omstandigheden worden beoordeeld. Het enkele feit dat belanghebbende het pand huurt, is hiertoe onvoldoende. Van feitelijk gebruik is pas sprake indien het pand daadwerkelijk door haar wordt benut, aan welke benutting de productie van huishoudelijk afval kan worden toegerekend. Het gaat om de vraag of het verzorgingskarakter op de voorgrond staat zodat gesproken kan worden van één huishouding, dan wel of de inwoners zodanig zelfstandig zijn dat sprake is van een collectief van individuele huishoudens. Naar het oordeel van het hof doet die laatste situatie zich hier voor. Het zijn derhalve de jongeren die als feitelijk gebruikers moeten worden aangemerkt. Hieraan doet niet af, dat volgens vaste jurisprudentie bij verhuur voor telkens betrekkelijk korte perioden niet de huurder, doch de verhuurder als feitelijk gebruiker wordt aangemerkt (HR 1 december 1999, nr. 34 301, LJN AA3389). In dit geval verblijven de jongeren gemiddeld tussen een half jaar en een jaar in het pand. Naar het oordeel van het hof is dat verblijf te lang, om te spreken van een betrekkelijk korte periode zoals bedoeld in voornoemde jurisprudentie.
Het hof verklaart het beroep ongegrond.
Terug naar kennisbank
DATUM:
02 december 2010
ECLI:
ECLI:NL:GHSHE:2010:BQ0012
ZAAKNUMMER:
09/00475
INSTANTIE:
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
