Onterecht geheven voor onvolledige lediging
Belanghebbende stelt dat de restafvalbak voor slechts een vierde geledigd is. Voor deze lediging is € 3,40 in rekening gebracht. Vervolgens is de afvalbak nogmaals geleegd en ook hiervoor is € 3,40 in rekening gebracht. De heffingsambtenaar van stadsregio Parkstad Limburg voert aan dat elke container is voorzien van een chip met een unieke code die aan de onderkant van de rand is bevestigd. Zodra de hefarm een container vastpakt, wordt de chip automatisch gelezen en gecontroleerd. Zodra een container in de grijparm zit en zich ongeveer een meter boven de grond bevindt, wordt de chip geregistreerd. Deze registratie is leidend voor de aanslagoplegging. De heffingsambtenaar stelt vervolgens dat de wijze waarop een container gevuld is en/of weersinvloeden een oorzaak kunnen zijn dat het afval niet of gedeeltelijk uit de container valt tijdens het legen. De rechtbank overweegt dat de heffingsambtenaar niet heeft betwist dat de afvalcontainer niet volledig geleegd is. De heffingsambtenaar kan in beginsel niet twee keer voor in feite slechts een complete leging het legingstarief in rekening brengen. Zowel uit de stukken als het verhandelde ter zitting is vervolgens ook niet gebleken of aannemelijk geworden dat het niet volledig legen van de afvalcontainer bij de eerste leging aan belanghebbende te wijten is geweest dan wel aan een omstandigheid die niet in de risicosfeer van de heffingsambtenaar ligt. Ook is niet gebleken of gesteld dat het vaststellen daarvan voor de heffingsambtenaar onmogelijk is dan wel zodanig bezwarend dat dit niet van de heffingsambtenaar mag worden verwacht.
DATUM:
14 mei 2014
ECLI:
ECLI:NL:RBLIM:2014:4437
ZAAKNUMMER:
AWB 13/3455
INSTANTIE:
Rechtbank Limburg
